Op vijf jaar ontdekte Noa Calluy een kinderkoor in haar buurt. Ze mocht meedoen en hield ontzettend van het zingen. Vervolgens belandde ze in het kinderkoor van Opera Ballet Vlaanderen. De eerste volwaardige operaproductie volgde een jaar later: La damnation de Faust van Berlioz. Die ervaring staat in haar geheugen gegrift, net als vele andere daarna: Parsifal, War Requiem, talloze concerten. Op een belangrijk knooppunt in haar leven vertelt Noa Calluy over haar passie voor zingen, haar dromen en de nuchterheid die daarbij hoort.