
Sign up to save your podcasts
Or


Op Maria Lichtmis, 2 februari, sprak Leo Fijen met Peter Nissen over de leerschool van het loslaten, negen maanden na zijn eerste herseninfarct. Diezelfde avond werd Peter opnieuw getroffen door een herseninfarct; op 6 februari overleed hij. Dit gesprek kreeg daarmee onverwacht het karakter van een afscheid.
Peter vertelt over zijn tocht door de woestijn die nog altijd voortduurt. Over boosheid en verzet, maar ook over gedragen worden. Dat hij er nog is, noemt hij elke dag een geschenk.
Hij spreekt met dankbaarheid over de kleine dingen: een vogel die fluit, een therapeut die blijft komen, de zorg die hij ontvangt — zijn “engelen”. En over de grootste engel in zijn leven: zijn vrouw, die hem telkens weer helpt om op te staan. Ook zijn kleinzoon, die hem diep raakt, komt ter sprake.
In het gesprek verwijst Peter naar Paasmorgen, naar Maria van Magdala en de tuinman. Voor hem staat die tuinman voor Christus: de mogelijkheid om door de dood heen te groeien. Pasen gaat niet alleen over de Verrezen Heer, zegt hij, maar ook over ons: dat je mag opstaan als je gevallen bent.
Het wordt stil aan het einde van dit gesprek. En God is niet ver weg.
By Klooster! MagazineOp Maria Lichtmis, 2 februari, sprak Leo Fijen met Peter Nissen over de leerschool van het loslaten, negen maanden na zijn eerste herseninfarct. Diezelfde avond werd Peter opnieuw getroffen door een herseninfarct; op 6 februari overleed hij. Dit gesprek kreeg daarmee onverwacht het karakter van een afscheid.
Peter vertelt over zijn tocht door de woestijn die nog altijd voortduurt. Over boosheid en verzet, maar ook over gedragen worden. Dat hij er nog is, noemt hij elke dag een geschenk.
Hij spreekt met dankbaarheid over de kleine dingen: een vogel die fluit, een therapeut die blijft komen, de zorg die hij ontvangt — zijn “engelen”. En over de grootste engel in zijn leven: zijn vrouw, die hem telkens weer helpt om op te staan. Ook zijn kleinzoon, die hem diep raakt, komt ter sprake.
In het gesprek verwijst Peter naar Paasmorgen, naar Maria van Magdala en de tuinman. Voor hem staat die tuinman voor Christus: de mogelijkheid om door de dood heen te groeien. Pasen gaat niet alleen over de Verrezen Heer, zegt hij, maar ook over ons: dat je mag opstaan als je gevallen bent.
Het wordt stil aan het einde van dit gesprek. En God is niet ver weg.