
Sign up to save your podcasts
Or


Tot een paar jaar geleden werden de koeien van Rick Nijstadnog gevoerd via een kuilblokkenschuif. Maar sinds vorig jaar brengt een zelfrijdende voerwagen dertien keer per dag vers voer voor het voerhek vanuit de mengkuip. Mede daardoor lukt het de biologische melkveehouder uit Echten eenjaarproductie van 11.500 kg melk bij zijn 120-koppige veestapel te realiseren.
Hogere voeropname
‘Het begint bij de basis, het ruwvoer moet van topkwaliteitzijn. Dat hebben we wel geleerd van het werken met een blokkenschuif’, zo legt Nijstad in de nieuwe podcast MelkMeesters uit. Hij koos vorig jaar voorautomatisch voeren zodat hij ook bijproducten zoals tarwegries en sojabostel aan het rantsoen kan toevoegen. En omdat hij graag wilde mengen. ‘Het rantsoenis nu gebalanceerder en omdat we mengen en vaker voeren, nemen de koeien mee voer op. De productie is dankzij het automatisch voersysteem met wel twee tot drie kg melk omhoog gegaan.’
Minder restvoer
Volgens Ludo Bols, productmanager voersystemen bij DeLaval, zorgt ook het aanschuiven voor een hogere opname. ‘De pens en de koe blijven gezonder doordat er goed gemengd wordt. Door kleine beetjes voeren, blijft ookde hoeveelheid restvoer beperkt.’
Dag en nacht weidegang, zeventig koeien en toch ruim 2500 kg melk per dag produceren met een melkrobot. Melkveehouder Uilke Dijkstra behaalt bijzondere prestaties met robotmelken en weidegang, mede dankzij de inzet van een ABC-weidesysteem. ‘Weiden zit in ons dna. Toen we drie jaar geleden beslotendat we het melksysteem wilden vervangen stond voor ons wel vast dat we wildenblijven weiden. En dat kan prima met een robot.’
Melkrobot als selectiepoort
Na twee seizoenen heeft Dijksta het weiden en robotmelken goed in de vingers. Drie keer per dag krijgen de koeien een nieuw perceel, hij maait elke week in dienst van beweiden en al het gras wordt in ronde balen ingekuild. ‘De melkrobot is onze selectiepoort, via de robot gaan de koeien telkens weernaar een nieuw perceel. Het klinkt ingewikkeld, maar je moet het gewoon doen enaan de gang.’
Passieweider melkt 35 kg melk per dag
Weidegang hoeft niet ten koste te gaan van de melkcapaciteit,zo vertelt Sigmar Vosjan van Delaval. ‘Wanneer de verkaveling goed is en koeienna het melken worden beloond met een nieuw stuk vers gras, dan kun je een hogecapaciteit behalen’, aldus Vosjan. ‘Uilke is een overduidelijke passieweiderdie veel gras in de koe krijgt bij 2,4 melkingen per koe per dag bij een gemiddeldeproductie van 35 kg.‘
Vorig jaar liepen de koeien van Dijkstra 200 dagen buiten. Ondanks dat de start van het weideseizoen dit jaar iets later is begonnen hoopt hij een vergelijkbaar aantal dagen te halen. ‘We melken dit jaar iets minder koeien, maar ik hoop dat we dit jaar toch wel 7,5 ton melk kunnen leveren met 1 melkrobot.’
Als laatste melkveehouder in het Belgische gewest Brussel heeft Koen Heijmans te maken met afwijkende regelgeving. Zo komt de jonge boer niet in aanmerking voor de Vlaamse investeringssubsidie (VLIF) en lijkt een volledig verbod op de inzet van bestrijdingsmiddelen aanstaande. Ondanks deze uitdagingen koos Heijmans er toch voor om al op jonge leeftijd het melkveebedrijf over te nemen en meteen te investeren in een nieuwe stal met een melkrobot.
Wat levert automatisering op?
Marielies Maes, regiosalesmanager bij DeLaval, ziet vaak dat jonge veehouders kiezen voor automatisering. ‘Jongeren zoeken bewust naar arbeidsverlichting. Automatisering kost geld, maar dat kost arbeid ook. En bij automatisering moet je niet alleen kijken naar wat het kost, maar vooral ook naar wat het oplevert.’
Nauwelijks regels voor mest
De afwijkende wetgeving in Brussel heeft ook voordelen. Zo zijn de bemestingsregels er soepeler en kan er bovengronds mest uitgereden worden.
Sinds de kalveren op het bedrijf van Jacob van Emst uit Hattem in de nieuwe stal lopen en vrije toegang hebben tot het kalverstrand, is de jongveeopfok een feestje geworden.
De kalveren krijgen via de kalverdrinkautomaat tot maximaal 12 liter melk per dag en lopen zichtbaar graag buiten op het zand. ‘Kalveren zijn kuddedieren, het sociale bedrag is belangrijk. Ze kunnen rennen en spelen en ze leren van elkaar. Zelfs als het regent, gaan ze graag naar buiten’, aldus Jennie Polinder, die met het kalverteam verantwoordelijk is voor de jaarlijkse opfok van de kalveren op het 250-koppige melkveebedrijf.
Tot 12 liter melk per dag
Ludo Bols, specialist automatisch voeren bij DeLaval, ziet dat bedrijven steeds vaker kiezen voor kalverdrinkautomaten. ‘Het zijn vooral bedrijven die willen dat kalveren zo veel mogelijk melk opnemen. Het is bewezen dat hoe harder kalveren groeien voor het speenmoment, des te beter ze het doen als koe. Met dit systeem werken we met een gecontroleerde ad libitum melkopname tot 12 liter melk per dag.’
In de ruim veertig jaar oude 1+1-stal van Kasper van Beek kreeg de robot een bijzondere plaats. Door de robot buiten de bestaande stalmuren te plaatsen en een loopbrug over de voergang te maken, won de melkveehouder uit Noord-Holland ruimte en rust.
‘Door de koeien na het melken zo ver mogelijk bij de robot vandaan weer los te laten, voorkom je onrust voor de robot’, zo legt Van Beek de situatie uit in de nieuwste MelkMeesters-podcast. Hij koos er bewust voor om de robot niet op de plek van de oude melkstal te plaatsen, maar daar extra ligplaatsen en een ruime doorgang te creëren. ‘Het heeft voor rust voor de koeien en voor mezelf gezorgd.’
Vijf verschillend scenario’s doorlopen
De niet-alledaagse oplossing bij Van Beek geeft aan dat er geen blauwdruk bestaat voor het plaatsen van melkrobots in bestaande stallen. ‘Elke situatie is anders’, legt Simon de Haan van DeLaval uit. ‘Vindt er weidegang plaats, welk ruimte is beschikbaar? Ook bij Kasper hebben wel vijf verschillende tekeningen op tafel gelegen voordat er een besluit viel.’
De combinatie van ventilatoren met een druppelsproeistysteem zorgt er bij Erik Immink voor dat hittestress bij zijn melkveestapel zo veel mogelijk wordt voorkomen. ‘Als je zelf gaat zwemmen bij heet weer en je voelt wind op je natte lijf als je boven water bent dan merk je echt dat afkoelt. Dat effect wilde ik voor mijn koeien ook.’
Sensoren bepalen de start
De melkveehouder investeerde in het systeem Cow Cooling van Delaval. Met behulp van sensoren die de temperatuur en luchtvochtigheid meten, wordt automatisch bepaald wanneer er gestart wordt met het koelen van de koeien. ‘Als je dat handmatig doet, ben je altijd te laat’, zo is de ervaring van Immink.
Droge koeien koelen loont
Bewust hangt het koelsysteem ook boven de droge koeien. ‘Droge koeien zijn juist een heel belangrijk groep om te koelen’, zo legt Piet Hospes, specialist koecomfort bij Delaval. ‘Kalveren geboren uit droge koeien die hittestress hebben gehad, hebben een lager geboortegewicht.’
Dit is het zesde deel van de podcastserie MelkMeesters.
Juist met een melkrobot krijg je extra inzicht in de uiergezondheid van de koeien, ervaart Paul ten Velde.
De melkveehouder uit Tubbergen levert al meer dan 25 jaar eerste klas melk en het gemiddelde celgetal in de melk bedraagt 50.000 tot 60.000 cellen per milliliter. In de vijfde podcast van MelkMeesters legt hij uit wat zijn geheim is.
‘De dagelijkse cijfers van geleidbaarheid helpen om tijdig problemen rondom uiergezondheid op te sporen’, aldus Ten Velde. ‘Bij de overstap naar robotmelken steeg het celgetal eerst, maar na een jaar zat het weer op het oude niveau. Zowel de boer als de koeien moesten even wennen.’
Hygiënisch werken is volgens Julie Geldhof, uiergezondheidsspecialist van DeLaval, de sleutel voor een goede uiergezondheid. ‘Regelmatig de robot schoon maken, een goede boxhygiene, het gebruik van een dipmiddel: het draagt allemaal bij aan gezonde uiers.’
De 500 koeien bij de Johan en Willem Loonen gaan drie keer per dag op vaste tijden door de elf melkrobots. Het zogenoemde systeem batchmelken bespaart de melkveehouders uit Merselo dagelijks 10 uur arbeid.
‘Door ook goed na te denken over de opstelling en de separatieruimte kunnen we veel gemakkelijker werken,' aldus Willem Loonen. 'Waar we in het verleden standaard met twee man de koeien molken, is er nu een man verantwoordelijk voor het melken. Wanneer hij een groep koeien voor de robots heeft gezet, kan hij ondertussen ook nog andere werkzaamheden verrichten.’
Melkveehoudster Lio Bollen weet dertig tot veertig uur voorafgaande van tochtigheidsgedrag al dat een koe tochtig gaat worden. Dankzij het automatisch meten van het progesterongehalte in de melk via de repromodule van haar DeLaval melkrobot mist ze geen enkele tochtige koe meer. ‘Ik kan daardoor korter op de bal spelen en werken aan een kortere tussenkalftijd’, zo legt de melkveehoudster uit het Vlaamse Haumont Achel uit in de nieuwste podcast MelkMeesters.
Maarten Burgmans koos in 2009 al voor automatisch voeren.Vooral over de arbeidsbesparing, ruimte in het bouwblok alsook het meerderekeren per dag voeren is de melkveehouder uit Dronten enthousiast.
Vijftig vrachten voer per dag
Burgmans verving twee jaar geleden het oudere voersysteem voor het Optimat voersysteem met vaste voerbunker van DeLaval. De voerwagen verdeelt dagelijks 50 vrachten aan de 380 koeien en het jongvee. 'Doordat je meerdere voermomenten creëert op vaste momentenop een dag zorg je voor rust. Daardoor krijgen dieren die lager in de rangordestaan, ook meer ruimte aan het voerhek’, aldus Burgmans.
Tweede deel MelkMeesters podcast
De podcast MelkMeesters is een nieuwe podcastserie die Veeteelt maakt in samenwerking met DeLaval. In deze podcast schuift hoofdredacteur Jaap van der Knaap aan de keukentafel aan bij veehouders die investeerden in nieuwetechnieken om de melkproductie te optimaliseren. Dit is het tweede deel van de serie. In de eerste aflevering was Jaap te gast bij John Arkink die veel verschillende datastromen uit zijn melkrobot inzet in zijn bedrijfsvoering.
Smakelijke voer en minder restvoer
Aan de keukentafel in Dronten zit ook Stefan Schulte vanDeLaval. Hij benoemt de voordelen van het eenvoudig maken van meerdere rantsoenen. 'Er is nauwelijks restvoer en het rantsoen blijft smakelijker omdat je in kleinere porties voert en langer vers blijft’, aldus Schulte. ‘Arbeid enflexibiliteit zijn vaak de hoofdredenen voor de aanschaf, maar ook voertechnisch zijn de voordelen groot, zeker in combinatie met melkrobots.'
From the publisher's feed