Het enige verschil tussen de hogere stand en de andere, gewone mensen is dat de elite beter is opgevoed. In zijn verhaal
‘In de roos’ bevestigt
Jaques de la Fourche maar weer eens dat deze veronderstelling geheel juist is. Hij biedt een inkijkje in het dagelijks leven van Arthur de Salade, een over het paard getilde jonkheer, Freule Leonie de Salade, zijn overspelige echtgenote, Jean Jambon, hun overgevoelige huisknecht, Charlotte Bellefleur, het vrijwel onbedorven dienstmeisje en Flic Floy (spreek uit: Fliek Flooi) een zalvende bon vivant.