
Sign up to save your podcasts
Or


Prepare for your inburgering exam with "Een afspraak maken" — this A1 lesson covers daily life. Anna and Tom chat naturally, teaching you days of the week and telling time (o'clock) along the way.
Grammar: learning the days of the week (maandag, dinsdag, etc.) and how to tell time on the hour ('om ... uur'). this is essential for making appointments.
Culture: punctuality ('op tijd zijn') is very important
KNM topic: samenleven | Exam practice: speaking
Vocabulary:
Great for inburgering exam prep, NT2 practice, or anyone who needs to reach A2 Dutch. New lessons every day!
Inburgering exam coming up? Get ready with practice tests at inburgeringprep.com
Listen on other platforms:
🎵 Spotify
📺 YouTube
🍎 Apple Podcasts
Transcript
Anna: Hoi Tom, met Anna. Bel ik op een goede tijd?
Hi Tom, it's Anna. Am I calling at a good time?
Tom: Hoi Anna! Ja hoor. Hoe gaat het met je?
Hi Anna! Yes, sure. How are you?
Anna: Goed, dank je. Ik wil graag weer Nederlands oefenen. Voor mijn examen.
Good, thank you. I'd like to practice Dutch again. For my exam.
Tom: Ja, natuurlijk. Dat is een goed idee. Wanneer wil je oefenen?
Yes, of course. That's a good idea. When do you want to practice?
Anna: Zullen we een afspraak maken voor deze week?
Shall we make an appointment for this week?
Tom: Ja, prima. Even kijken in mijn agenda... Wanneer kan jij?
Yes, fine. Let me check my agenda... When can you?
Anna: Ik kan op maandag. Is dat een goede dag?
I can on Monday. Is that a good day?
Tom: Nee, sorry. Maandag werk ik de hele dag. En dinsdag ook.
No, sorry. Monday I work all day. And Tuesday too.
Anna: Oké, geen maandag en geen dinsdag. En woensdag?
Okay, no Monday and no Tuesday. And Wednesday?
Tom: Woensdag... ja, woensdagavond kan ik wel. Is dat goed voor jou?
Wednesday... yes, Wednesday evening I can. Is that good for you?
Anna: Ja, woensdag is een goede dag voor mij. Welke tijd?
Yes, Wednesday is a good day for me. What time?
Tom: Is zeven uur een goede tijd?
Is seven o'clock a good time?
Anna: Zeven uur... even denken... ja, dat is perfect. Om zeven uur kan ik.
Seven o'clock... let me think... yes, that's perfect. I can at seven o'clock.
Tom: Mooi. Dan staat de afspraak. Woensdag om zeven uur.
Great. Then the appointment is set. Wednesday at seven o'clock.
Anna: Ik schrijf het op.
I'll write it down.
Tom: Goed zo. En Anna, één ding is belangrijk in Nederland.
Good. And Anna, one thing is important in the Netherlands.
Anna: Wat dan?
What's that?
Tom: Je moet op tijd zijn. Kom alsjeblieft precies om zeven uur.
You have to be on time. Please come exactly at seven o'clock.
Anna: Ah, oké. Niet om vijf over zeven?
Ah, okay. Not at five past seven?
Tom: Nee, haha. Zeven uur is zeven uur. Dat is heel normaal hier.
No, haha. Seven o'clock is seven o'clock. That's very normal here.
Anna: Ik snap het. In Turkije is de tijd soms een beetje anders. Flexibel.
I understand. In Turkey, time is sometimes a bit different. Flexible.
Tom: Dat snap ik. Maar hier is een afspraak echt een vaste tijd.
I understand that. But here, an appointment is really a fixed time.
Anna: Oké, ik zal er zijn. Precies om zeven uur.
Okay, I'll be there. Exactly at seven o'clock.
Anna: Zeg Tom, het woord 'afspraak'. En 'de tijd'. Zijn dat moeilijke woorden?
Say Tom, the word 'appointment'. And 'the time'. Are those difficult words?
Tom: Nee, maar wel belangrijk. 'De afspraak' is een plan. Een plan op een vaste dag en een vaste tijd.
No, but important. 'The appointment' is a plan. A plan on a fixed day and a fixed time.
Anna: Zoals een afspraak bij de tandarts?
Like an appointment at the dentist?
Tom: Ja, precies. En wij hebben nu ook een afspraak. Woensdag is de dag, zeven uur is de tijd.
Yes, exactly. And we also have an appointment now. Wednesday is the day, seven o'clock is the time.
Anna: Ah, de dag en de tijd. Ik begrijp het.
Ah, the day and the time. I understand it.
Tom: Weet je, dit is ook goede oefening voor je spreekexamen.
You know, this is also good practice for your speaking exam.
Anna: Echt waar? Hoe dan?
Really? How so?
Tom: Op het examen moet je soms ook een afspraak maken via de telefoon. Dit is een typische opdracht.
On the exam, you sometimes also have to make an appointment over the phone. This is a typical task.
Anna: Oh, dat is een heel goede tip! Dank je wel.
Oh, that's a very good tip! Thank you.
Anna: Oké, dus even herhalen. De afspraak is op woensdag.
Okay, so just to repeat. The appointment is on Wednesday.
Tom: Klopt.
That's right.
Anna: De tijd is zeven uur. En... ik moet op tijd zijn!
The time is seven o'clock. And... I have to be on time!
Tom: Precies! Je leert snel, Anna.
Exactly! You learn quickly, Anna.
Anna: Super. Dan spreek ik je woensdag. Tot dan!
Great. Then I'll talk to you on Wednesday. See you then!
Tom: Ja, tot woensdag! Doei Anna.
Yes, see you Wednesday! Bye Anna.
Anna: Doei!
Bye!
By inburgeringprep.comPrepare for your inburgering exam with "Een afspraak maken" — this A1 lesson covers daily life. Anna and Tom chat naturally, teaching you days of the week and telling time (o'clock) along the way.
Grammar: learning the days of the week (maandag, dinsdag, etc.) and how to tell time on the hour ('om ... uur'). this is essential for making appointments.
Culture: punctuality ('op tijd zijn') is very important
KNM topic: samenleven | Exam practice: speaking
Vocabulary:
Great for inburgering exam prep, NT2 practice, or anyone who needs to reach A2 Dutch. New lessons every day!
Inburgering exam coming up? Get ready with practice tests at inburgeringprep.com
Listen on other platforms:
🎵 Spotify
📺 YouTube
🍎 Apple Podcasts
Transcript
Anna: Hoi Tom, met Anna. Bel ik op een goede tijd?
Hi Tom, it's Anna. Am I calling at a good time?
Tom: Hoi Anna! Ja hoor. Hoe gaat het met je?
Hi Anna! Yes, sure. How are you?
Anna: Goed, dank je. Ik wil graag weer Nederlands oefenen. Voor mijn examen.
Good, thank you. I'd like to practice Dutch again. For my exam.
Tom: Ja, natuurlijk. Dat is een goed idee. Wanneer wil je oefenen?
Yes, of course. That's a good idea. When do you want to practice?
Anna: Zullen we een afspraak maken voor deze week?
Shall we make an appointment for this week?
Tom: Ja, prima. Even kijken in mijn agenda... Wanneer kan jij?
Yes, fine. Let me check my agenda... When can you?
Anna: Ik kan op maandag. Is dat een goede dag?
I can on Monday. Is that a good day?
Tom: Nee, sorry. Maandag werk ik de hele dag. En dinsdag ook.
No, sorry. Monday I work all day. And Tuesday too.
Anna: Oké, geen maandag en geen dinsdag. En woensdag?
Okay, no Monday and no Tuesday. And Wednesday?
Tom: Woensdag... ja, woensdagavond kan ik wel. Is dat goed voor jou?
Wednesday... yes, Wednesday evening I can. Is that good for you?
Anna: Ja, woensdag is een goede dag voor mij. Welke tijd?
Yes, Wednesday is a good day for me. What time?
Tom: Is zeven uur een goede tijd?
Is seven o'clock a good time?
Anna: Zeven uur... even denken... ja, dat is perfect. Om zeven uur kan ik.
Seven o'clock... let me think... yes, that's perfect. I can at seven o'clock.
Tom: Mooi. Dan staat de afspraak. Woensdag om zeven uur.
Great. Then the appointment is set. Wednesday at seven o'clock.
Anna: Ik schrijf het op.
I'll write it down.
Tom: Goed zo. En Anna, één ding is belangrijk in Nederland.
Good. And Anna, one thing is important in the Netherlands.
Anna: Wat dan?
What's that?
Tom: Je moet op tijd zijn. Kom alsjeblieft precies om zeven uur.
You have to be on time. Please come exactly at seven o'clock.
Anna: Ah, oké. Niet om vijf over zeven?
Ah, okay. Not at five past seven?
Tom: Nee, haha. Zeven uur is zeven uur. Dat is heel normaal hier.
No, haha. Seven o'clock is seven o'clock. That's very normal here.
Anna: Ik snap het. In Turkije is de tijd soms een beetje anders. Flexibel.
I understand. In Turkey, time is sometimes a bit different. Flexible.
Tom: Dat snap ik. Maar hier is een afspraak echt een vaste tijd.
I understand that. But here, an appointment is really a fixed time.
Anna: Oké, ik zal er zijn. Precies om zeven uur.
Okay, I'll be there. Exactly at seven o'clock.
Anna: Zeg Tom, het woord 'afspraak'. En 'de tijd'. Zijn dat moeilijke woorden?
Say Tom, the word 'appointment'. And 'the time'. Are those difficult words?
Tom: Nee, maar wel belangrijk. 'De afspraak' is een plan. Een plan op een vaste dag en een vaste tijd.
No, but important. 'The appointment' is a plan. A plan on a fixed day and a fixed time.
Anna: Zoals een afspraak bij de tandarts?
Like an appointment at the dentist?
Tom: Ja, precies. En wij hebben nu ook een afspraak. Woensdag is de dag, zeven uur is de tijd.
Yes, exactly. And we also have an appointment now. Wednesday is the day, seven o'clock is the time.
Anna: Ah, de dag en de tijd. Ik begrijp het.
Ah, the day and the time. I understand it.
Tom: Weet je, dit is ook goede oefening voor je spreekexamen.
You know, this is also good practice for your speaking exam.
Anna: Echt waar? Hoe dan?
Really? How so?
Tom: Op het examen moet je soms ook een afspraak maken via de telefoon. Dit is een typische opdracht.
On the exam, you sometimes also have to make an appointment over the phone. This is a typical task.
Anna: Oh, dat is een heel goede tip! Dank je wel.
Oh, that's a very good tip! Thank you.
Anna: Oké, dus even herhalen. De afspraak is op woensdag.
Okay, so just to repeat. The appointment is on Wednesday.
Tom: Klopt.
That's right.
Anna: De tijd is zeven uur. En... ik moet op tijd zijn!
The time is seven o'clock. And... I have to be on time!
Tom: Precies! Je leert snel, Anna.
Exactly! You learn quickly, Anna.
Anna: Super. Dan spreek ik je woensdag. Tot dan!
Great. Then I'll talk to you on Wednesday. See you then!
Tom: Ja, tot woensdag! Doei Anna.
Yes, see you Wednesday! Bye Anna.
Anna: Doei!
Bye!