Nee, onze vlees en zuivelproductie bedreigt onze voedselzekerheid!
Aan het begin van de tweede wereldoorlog lag er een plan klaar om in een
oorlogssituatie onze voedselsituatie veilig te stellen. De basis daarvoor
was simpel: voor 3 kilo calorie vlees moet er 100 kilocalorie aan voer in
een dier worden gestopt. We hadden niet genoeg landbouwgrond om onze grote
aantallen pluimvee en vee te voeden, als we niet langer diervoeding konden
invoeren. Dus moesten we omstellen. In plaats van 33 miljoen kippen naar 3
miljoen. In plaats van 1,5 miljoen varkens naar 0,5 miljoen, en ook het
aantal runderen omlaag. Daarmee, en met een omstelling naar meer akkerbouw,
zoals aardappelen, graan en bonen hebben we de zaak de eerste jaren gered.
Na wat aanloopproblemen is voorkomen dat er vanaf 1941 een enorme
hongersnood ontstaan is in Nederland. Dat het in 1944 in de randstad mis
ging had heel andere oorzaken.
Voor de huidige vlees en zuivelproductie in Nederland hebben we niet alleen
driekwart van ons in totaal 1.6 miljoen hectare grote landbouwareaal nodig.
We zijn ook nog aangewezen op een enorme invoer uit het buitenland. Voor
ons veevoer alleen al is dat 2,8 miljoen hectare. Daar komt nog eens 1,8
miljoen hectare bij nodig voor de import van ons eigen voedsel. Dat is
samen meer dan 1,3 maal het totale landoppervlak van Nederland! Al met al
moeten we nu een veelvoud van onze landbouwexport aan calorieën invoeren.
En krijgen daar onder andere veel ammoniak en methaan voor terug.
Volg de podcast en de nieuwsbrief via www.mennoenerwin.nl
Get full access to Menno en Erwin over de natuur en wetenschap at www.mennoenerwin.nl/subscribe