
Sign up to save your podcasts
Or


Gen. 18, 1-10a Heer, ga uw dienaar niet voorbij.
Kol. 1, 24-28 Het geheim, dat verborgen was voor alleeeuwen, is nu geopenbaard aan zijn heiligen.
Lc. 10, 38-42 Marta ontving hem in haar woning; Mariaheeft het beste deel gekozen.
Ps. 15 (14), 2-3ab. 3cd-4ab. 5 Heer, wie mag te gast zijn in uw tent?
Deut. 30, 10-14 Het woord is dicht bij u. Gij kunt het volbrengen.
Kol. 1, 15-20 Door Hem en ín Hem is alles geschapen.
Lc. 10, 25-37 Wie is mijn naaste?
Jes. 66, 10-14c Als een rivier leid Ik de vrede naar haar toe.
Gal. 6, 14-18 Ik draag de merktekenen vanJezus in mijn lichaam.
Lc. 10, 1-12. 17-20 of 10, 1-9 Uw vrede zal op hen rusten.
Gen., 14,18-20Hij bood brood en wijn aan.
1 Kor., 11, 23-26Telkens als gij eet en drinkt,verkondigt gij de dood des Heren.
Lc., 9, 11b-17Allen aten tot zij verzadigd waren.
Hand., 2, 1-11Zij werdenallen vervuld van de heilige Geest en zij begonnen te spreken.
1 Kor., 12, 3b-7. 12-13
In één en dezelfde Geestzijn wij door de doop één enkel lichaam geworden.
Joh., 20, 19-23
Zoals de Vader Mij gezondenheeft, zo zend ik u: ontvangt de heilige Geest.
Hand., 7, 55-60 Ikzie de Mensenzoon staande aan Gods rechterhand.
Apok.,22, 12-14. 16-17.20 Kom, Heer Jezus.
Joh., 17, 20-26 Mogenzij volmaakt één zijn.
Hand., 15, 1-2. 22-29 De heilige Geest en wijhebben besloten u geen zwaardere last op te leggen dan het striktnoodzakelijke.
Apok., 21, 10-14.22-23 Hij toonde mij deheilige stad die uit de hemel neerdaalde.
Joh., 14, 23-29 De heilige Geest zal u allesin herinnering brengen wat ik u gezegd heb.
Hand., 14, 21-27Zij vertelden de gemeente watGod met hun medewerking tot stand had gebracht.
Joh., 13, 31-33a. 34-35Een nieuw gebod geefIk u: gij moet elkaar liefhebben.
Handeling 13,14. 43-52 Daarom richten wij ons tot deheidenen
Apok. 7,9. 14b-17. Het lam zal heb weiden en voerennaar de waterbronnen van het leven.
Joh. 10, 27-30. Ik geef mijn schapen eeuwig leven
From the publisher's feed