Wachten,dat doen we niet graag. Toch? Ergens denk ik dat we dat bijna allemaal hebben – als we onze wachttijd kunnen verkorten - bij de dokter, in de file of bij het stoplicht – goede kans dat we het proberen. Maar ook al zijn we niet geneigd te wachten – ergens snappen we ook wel dat als we niet kunnen wachten, dingen ook mis kunnen gaan. Want je kunt ook te snel kiezen, je kans alvast verspelen, te vroeg iets krijgen terwijl je er nog niet klaar voor was. Wachten is ook nodig als je Gods betrokkenheid in je leven wilt. Want God komt niet altijd gelijk, levert niet meteen, en is niet op afroep beschikbaar. En dus, als je God in je leven wilt, en zijn leiding, zijn hulp, zijn richting, zijn kracht, etc. – dan zul je moeten kunnen wachten op Hem. Vandaag denken we dan na over ‘wachten op God’ en we doen dat naar aanleiding van het slot van psalm 27, vers 13 en 14. Maar we lezen de hele psalm. Het is een psalm die op naam van David staat en ergens ook past bij het leven van David dat we kennen uit de bijbelse verhalen. Het is een psalm van iemand die geleerd heeft dat het aankomt op wachten op God.