
Sign up to save your podcasts
Or


‘Het waren degenen tot wie Petrus eerder had gezegd: ‘Deze (…) hebt gij genomen en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood’ (Hand. 2:23). Vijanden, rebellen, dwazen en spotters krijgen de belofte aangeboden als grond om te geloven: Hoelang zullen ‘de spotters voor zich de spotternij begeren, en de zotten wetenschap haten? Keert u tot Mijn bestraffing’. En dat op grond van een heerlijke belofte die hen wordt aangeboden in het vervolg van de tekst: ‘Ziet; Ik zal Mijn Geest u overvloedig uitstorten; Ik zal Mijn woorden u bekend maken’ (Spr. 1:22, 23).
De belofte komt echter niet alleen tot verootmoedigde en boetvaardige zondaren, die hun nood zien en overtuigd zijn van hun zonde en ellende. Zij komt ook tot hen die zich niet verootmoedigen en niet boetvaardig zijn. Het is waar, niemand, tenzij hij overtuigd is van zijn nood daartoe, zal zijn toevlucht nemen tot de belofte en Christus daarin vervat. En hoewel de belofte wordt aangeboden om ‘een blijde boodschap te brengen de zachtmoedigen (…) om te verbinden de gebrokenen van hart’ (Jes. 61:1), is het tegelijk ook waar dat degenen die verootmoedigd zijn, vaak ook degenen zijn die klagen: ‘Helaas, ik ben niet vernederd of overtuigd.’ Daarom kan ik u zeggen dat de belofte niet alleen voorgesteld en gegeven wordt aan hen die zich vernederen en door de wet verootmoedigd zijn, maar ook aan de meest onvernederde, de meest onboetvaardige, de minst overtuigde en de meest verharde zondaar die dit Evangelie hoort. En zelfs aan degene die niets van zijn gebrek ziet, maar denkt dat hij het wel zonder Christus stellen kan.’
Voor de hele preek zie www.tabernakel.nl
By Ds. A.S. Middelkoop‘Het waren degenen tot wie Petrus eerder had gezegd: ‘Deze (…) hebt gij genomen en door de handen der onrechtvaardigen aan het kruis gehecht en gedood’ (Hand. 2:23). Vijanden, rebellen, dwazen en spotters krijgen de belofte aangeboden als grond om te geloven: Hoelang zullen ‘de spotters voor zich de spotternij begeren, en de zotten wetenschap haten? Keert u tot Mijn bestraffing’. En dat op grond van een heerlijke belofte die hen wordt aangeboden in het vervolg van de tekst: ‘Ziet; Ik zal Mijn Geest u overvloedig uitstorten; Ik zal Mijn woorden u bekend maken’ (Spr. 1:22, 23).
De belofte komt echter niet alleen tot verootmoedigde en boetvaardige zondaren, die hun nood zien en overtuigd zijn van hun zonde en ellende. Zij komt ook tot hen die zich niet verootmoedigen en niet boetvaardig zijn. Het is waar, niemand, tenzij hij overtuigd is van zijn nood daartoe, zal zijn toevlucht nemen tot de belofte en Christus daarin vervat. En hoewel de belofte wordt aangeboden om ‘een blijde boodschap te brengen de zachtmoedigen (…) om te verbinden de gebrokenen van hart’ (Jes. 61:1), is het tegelijk ook waar dat degenen die verootmoedigd zijn, vaak ook degenen zijn die klagen: ‘Helaas, ik ben niet vernederd of overtuigd.’ Daarom kan ik u zeggen dat de belofte niet alleen voorgesteld en gegeven wordt aan hen die zich vernederen en door de wet verootmoedigd zijn, maar ook aan de meest onvernederde, de meest onboetvaardige, de minst overtuigde en de meest verharde zondaar die dit Evangelie hoort. En zelfs aan degene die niets van zijn gebrek ziet, maar denkt dat hij het wel zonder Christus stellen kan.’
Voor de hele preek zie www.tabernakel.nl

3 Listeners

229 Listeners

36 Listeners

106 Listeners

149 Listeners

29 Listeners

0 Listeners

71 Listeners

12 Listeners

23 Listeners

65 Listeners

38 Listeners

20 Listeners

6 Listeners

0 Listeners