
Sign up to save your podcasts
Or


Wijsh. 11, 23 - 12, 2 Gij ontfermt u over allen, omdat gij houdt van alles wat bestaat.
II Tess. 1, 11 - 2, 2 De naam van Christus zal in u verheerlijkt worden, en gij in Hem.
Lc. 19, 1-10 De Mensenzoon is gekomen om te zoeken en te redden wat verloren was.
Lezingen Uittocht Paulus em Mattheusl
Jes. 45, 1. 4-6 Ik heb Cyrus bij zijn rechterhand genomen om de volkeren voor hem neer te werpen
I Tess. 1, 1-5b Wij gedenken uw geloof, liefde en hoop.
Mt. 22, 15-21 Geeft aan de keizer wat van de keizer is, en aan God wat van God is.
Jes. 25, 6-10a De Heer zal een maaltijd aanrichten en detranen afwissen van alle gezichten.
Fil. 4, 12-14. 19-20 Alles kan ik aan door Hem die mij kracht geeft.
Mt. 22, 1-14 Roept wie ge maar vindt, tot het bruiloftsmaal.
Jes. 5, 1-7 De wijngaard van de Heer der hemelse machten is het huis van Israël.
Fil. 4, 6-9 Brengt dit in praktijken de God van de vrede zal met u zijn.
Mt. 21, 33-43 Hij zal dewijngaard verpachten aan andere wijnbouwers.
https://youtu.be/7EN_wRkPXOY
Ez. 18, 25-28 Als de goddeloze zich van zijn goddeloosheid afkeert, zal hij in leven blijven.
Fil. 2, 1-11 Die gezindheid moet onder u heersen die ook in Christus Jezus is.
Mt. 21, 28-32Hij kreeg berouw en ging toch. De tollenaars en publieke vrouwen gaan vóór u het Koninkrijk Gods binnen.
Jes. 55, 6-9 Mijn gedachten zijn niet uw gedachten.
Fil. 1, 20c-24. 27a Voor mij is het leven Christus.
Mt. 20, 1-16a Of zijt ge kwaad, omdat Ik goed ben?
https://youtu.be/h_ntMTJrfTk?si=G7IE_0mP2VGpiKqj
Psalm 103: Hij voert geen rechtszaak zonder eind, Hijhoudt niet voor eeuwig vast aan zijn toorn: Hij behandelt ons niet naar onzezonden, Hij vergeldt ons niet naar onze schuld.
Sir. 27, 33 -28, 9 Vergeef uw naaste zijn onrecht: danworden, wanneer gij erom bidt, uw eigen zonden kwijtgescholden.
Rom. 14, 7-9 Of wij leven of sterven, de Heer behoren wijtoe.
Mt. 18, 21-35 Niet tot zevenmaal toe, zeg Ik u, moet gij vergeven, maar tot zeventig maalzevenmaal.
https://youtu.be/jYIBQZyAkhA?si=cfz5XTNVv8EM6Zax
Ez. 33, 7-9 Als gij de boosdoener niet waarschuwt, kom Ikzijn bloed van u opeisen.
Rom. 13, 8-10 De vervulling van de wet bestaat in deliefde.
Mt. 18, 15-20 Indien hij naar u luistert, dan hebt gij uwbroeder gewonnen.
Jer. 20, 7-9 Het woord van de Heer brengt mij schande ensmaad.
Rom. 12, 1-2 Biedt uw lichamen aan als een levendeoffergave.
Mt. 16, 21-27 Als iemand achter Mij aan wil gaan, moet hijzichzelf verloochenen.
From the publisher's feed