
Sign up to save your podcasts
Or


Vandaag concentreren we ons op twee Britse vrouwen die naam hebben gemaakt als componist, Ethel Smyth en Susan Spain-Dunk. Smyth studeerde grotendeels in Duitsland en was rond 1910 een van de voorvrouwen van de suffragettebeweging, samen met Emmeline Pankhurst. Naar aanleiding van haar laatste strijkkwartet, in e-kl.t. schreef ze aan Pankhurst dat het schrijven van een orkestwerk veel eenvoudiger is dan van een kwartet: “het is de meest uitgelezen vorm van kunst.”
De Phantasy Quartet uit 1915 van Susan Spain-Dunk is mogelijk geschreven naar aanleiding van een concours uitgeschreven door de zakenman Walter Cobbett, dat in 1915 in het teken stond van het strijkkwartet. Met Cobbett speelde zij jarenlang kwartet. Het meest opvallende kenmerk van het Phantasy Quartet van Spain-Dunk is de energie en drive die het bevat, afgewisseld met mooie zangerige melodieën en momenten van grote rust.
Ethel Smyth (1858-1944) – Strijkkwartet in e-kl.t. (1912)
(1) Allegretto lirico, (2) Allegro molto leggiero, (3) Andante, (4) Allegro energico
Uitvoerenden: Mannheim Streichquartett
CD: CPO
Susan Spain-Dunk (1880-1962) – Phantasy Quartet in d-kl.t. (1915)
Uitvoerenden: Archaeus Quartet
CD: Lorelt
In 1922 constateerde John McEwen dat hij eigenlijk nergens bij hoorde. Te modern voor de oudjes en niet modern genoeg voor de jonkies. Zowel Engels als Schots en zelfs een beetje Frans. Een merkwaardige mix van stijlen en technieken horen we ook in het tweede (Larghetto) en derde deel (Allegretto) van het Achtste strijkkwartet uit 1918. Dat Franse is vooral te horen in het Zesde strijkkwartet, in A-gr.t. met de bijna Biskaje, gecomponeerd tijdens een verblijf in Cap Ferret bij Arcachon.
Eenzelfde problematiek van nationale herkomst kleeft ook aan de muziek van Frederick Delius, telg van een uit Duitsland afkomstige familie met liefde voor de muziek uit Scandinavië, Frankrijk, Duitsland en Engeland. Het Strijkkwartet in e-kl.t. ontstond in de eerste wereldoorlog. Delius zelf was na een eerste uitvoering niet tevreden en reviseerde het grondig van driedelig naar vierdelig.
John Blackwood McEwen (1868-1948) – Strijkkwartet nr.8, in Es-gr.t. (1918)
(2) Larghetto, (3) Allegretto
Uitvoerenden: Chilingirian Quartet
CD: Chandos
Frederick Delius (1862-1934) – Strijkkwartet in e-kl.t. (versie 1917)
(1) With animation, (2) Quick and lightly, (3) Late Swallows: Slow and wistfully, (4) Very quick and vigorously
Uitvoerenden: Villiers Quartet
CD: Naxos
John Blackwood McEwen (1868-1948) – Strijkkwartet nr.6, in A-gr.t. ‘Biscay’ (1913)
(1) Le Phare: Allegro maestoso – Tranquillo – Tempo I, (2) Les Dunes: Andante mesto, (3) La Racleuse: Vivace – Allegretto leggero
Uitvoerenden: Chilingirian Quartet
CD: Chandos
De strijkkwartetten van Edward Elgar, Frederick Delius en het Zevende en Achtste kwartet van de Schotse componist John Blackwood McEwen zijn stuk voor stuk getekend door die voor de Engelsen zo traumatische Eerste Wereldoorlog. Elgar schreef zijn Strijkkwartet in e-kl.t., opus 83, in 1918 na een zenuwinzinking, veroorzaakt door de verschrikkelijke berichten van het front in het jaar 1917.
De Schotse componist John Blackwood McEwen is op het continent volkomen onbekend gebleven. Toch heeft hij de gehele ontwikkeling van Brahms tot Debussy doorgemaakt en daarna zelfs een brug geslagen naar Britten en Tippett. Het Zevende strijkkwartet, in Es-gr.t. uit 1916 heeft de bijnaam ‘Threnody’ en is een reactie op de verschrikkingen van de oorlog. In McEwens ogen was toen opnieuw sprake van een nederlaag, niet alleen voor de vele gesneuvelde Schotten, maar voor de gehele mensheid.
Het eerste deel van het Achtste strijkkwartet, in Es-gr.t. uit 1918 wordt gekenmerkt door een opvallende ‘Gaelic touch’.
Edward Elgar (1857-1934) – Strijkkwartet in e-kl.t., opus 83 (1918)
(1) Allegro moderato, (2) Piacevole. Poco andante, (3) Finale. Allegro molto
Uitvoerenden: Brodsky Quartet
CD: Chandos
John Blackwood McEwen (1868-1948) – Strijkkwartet nr.7, in Es-gr.t. ‘Threnody’ (1916)
Lento – Allegro molto – Poco meno mosso – Lento
Uitvoerenden: Chilingirian Quartet
CD: Chandos
John Blackwood McEwen (1868-1948) – Strijkkwartet nr.8, in Es-gr.t. (1918)
Allegro piacevole
Uitvoerenden: Chilingirian Quartet
CD: Chandos
Ook in de overige drie delen van het Eerste strijkkwartet in g-kl.t., bijgenaamd ‘Bologna’ laveert Bridge kundig tussen de botsende stijlen die de periode tussen 1900 en 1914 zozeer kenmerken. Met name de Franse invloeden, zoals van Debussy, zijn opvallend.
In dezelfde periode had de zeven jaar oudere Ralph Vaughan Williams zijn Eerste strijkkwartet, in g-kl.t. voltooid, dat hij in 1921 nog eens gereviseerd heeft. We horen direct de aanwezigheid van de muziek van Debussy en Ravel, maar ook hints van volksmuziek door het gezamenlijke volksmuziekonderzoek dat hij met Gustav Holst gedaan heeft.
Het laatste deel van het Tweede strijkkwartet, in a-kl.t. van Vaughan Williams, gecomponeerd in het hart van de Tweede Wereldoorlog is een berustende Epiloog, gebaseerd op elementen uit geplande muziek voor een film over Jeanne d’Arc.
Frank Bridge (1879-1941) – Strijkkwartet nr.1, in e-kl.t. (1906) “Bologna”
(2) Adagio molto, (3) Allegretto grazioso – Animato, (4) Allegro agitato – Allegro moderato – Adagio molto
Uitvoerenden: Maggini Quartet
CD: Naxos
Vaughan Williams (1872-1957) – Strijkkwartet in G-gr.t. (1908/09 – rev. 1921)
(1) Allegro moderato, (2) Minuet and Trio: tempo di minuetto, (3) Romance: Andante sostenuto, (4) Finale: Rondo capriccioso – Allegro molto
Uitvoerenden: Maggini Quartet
CD: Naxos
Vaughan Williams (1872-1957) – Strijkkwartet in a-kl.t. (1944)
(4) Epiloog
Uitvoerenden: Medici String Quartet
CD: Nimbus Records
Van de acht strijkkwartetten van Charles Villiers Stanford is het Vijfde kwartet, in Bes-gr.t., opus 104 misschien wel het meest persoonlijke, niet in de laatste plaats omdat het een eerbetoon is aan de kort voor de voltooiing ervan in 1907 overleden violist en vriend van Stanford, Joseph Joachim. Boven de partituur staat dan ook “In memoriam Joseph Joachim”.
Het contrast met het Phantasy Quartet van Frank Bridge uit 1905 kan niet groter zijn. Het werd geschreven voor een concours dat door de zakenman Walter Wilson Cobbett was uitgeschreven met als doel de oude Engelse fantasia van rond 1600 weer tot leven te wekken. De opdracht was dus een kort eendelig werk, gebaseerd op heldere motieven zoals in de Elizabethaanse tijd de gewoonte was. Ook het Eerste strijkkwartet van Bridge uit 1906 werd voor een concours geschreven, namelijk in Bologna. Vandaar de bijnaam.
Charles Villiers Stanford (1852-1924) – Strijkkwartet nr.5, in Bes-gr.t., opus 104 (1907)
(1) Allegro moderato, (2) Intermezzo – Allegretto (sempre molto teneramente),
(3) Adagio pesante, (4) Allegro moderato
Uitvoerenden: Dante Quartet
CD: SOMM Recordings
Frank Bridge (1879-1941) – Phantasy Quartet in f-kl.t. (1905)
(1) Allegro moderato, (2) Andante moderato, (3) Allegro ma non troppo
Uitvoerenden: Maggini Quartet
CD: Naxos
Frank Bridge (1879-1941) – Strijkkwartet nr.1, in e-kl.t. “Bologna” (1906)
(1) Adagio – Allegro appassionato
Uitvoerenden: Maggini Quartet
CD: Naxos
Voor de Ier Charles Villiers Stanford was het strijkkwartet bij uitstek een product van een klassieke, evenwichtige en zuivere wereld, die verloren dreigde te raken. Tussen 1890 en 1920 componeerde hij een achttal strijkkwartetten, waarbij zijn vriendschap met Joseph Joachim als een rode draad door zijn loopbaan liep. Stanfords Vierde strijkkwartet, in g-kl.t., opus 99, ontstond in de herfst van 1906, maar werd ondanks uitvoeringen in Londen nimmer uitgegeven en pas zes jaar geleden herontdekt. De breed uitgesponnen melodieën erin verraden Stanfords liefde voor de muziek van Brahms.
Het Zesde strijkkwartet, in a-kl.t., opus 122, dat Stanford in de zomer van 1910 heeft geschreven, verdween na een eerste uitvoering in 1911 eveneens in de bureaulade van de componist, om pas in 1980 weer boven water te komen. Het driedelige werk houdt vast aan de Brahmsiaanse esthetiek van zijn eerdere kamermuziek. Met rijke vaak zangerige melodieën en thematische contrasten. Het is door en door een strijkkwartet in de Duitse traditie.
Charles Villiers Stanford (1852-1924) – Strijkkwartet nr.4, in g-kl.t., opus 99
(1906)
(1) Allegro moderato, (2) Allegro vivace, (3) Adagio, (4) Allegro molto vivace
Uitvoerenden: Dante Quartet
CD: SOMM Recordings
Charles Villiers Stanford (1852-1924) – Strijkkwartet nr.6, in a-kl.t., opus 122
(1910)
(1) Allegro molto moderato, (2) Andante quasi lento, (3) Allegro scherzando
Uitvoerenden: Dante Quartet
CD: SOMM Recordings
Op de partituur van zijn tweede kwartet uit 1868 schreef de twintigjarige componist ondubbelzinnig: Zweite Quartette C dur. Waarmee hij zijn muzikale afkomst overduidelijk heeft vastgelegd.
Door zijn vriendschap met Wagnerkenner Edward Dannreuther raakte Parry in de ban van Richard Wagner. In het Derde strijkkwartet, in G-gr.t. is daarvan echter weinig te bespeuren. Dannreuther gaf ook geregeld huisconcerten, waarvoor Parry zijn Derde strijkkwartet gecomponeerd heeft. Hij was er echter niet tevreden over en borg het weg. Alle drie strijkkwartetten verdwenen in de archieven van de componist om pas lang na zijn dood ontdekt te worden.
Hubert Parry (1848-1918) – Strijkkwartet nr.2, in C-gr.t. (1868)
(1) Larghetto – Allegro di molto, (2) Andante espressivo,
(3) Scherzo. Allegro con brio, (4) Finale. Vivace
Uitvoerenden: Archaeus Quartet
CD: MPR
Hubert Parry (1848-1918) – Strijkkwartet nr.3, in G-gr.t. (1878)
(1) Allegro, (2) Andante, (3) Allegro molto, (4) Allegro moderato
Uitvoerenden: Archaeus Quartet
CD: MPR
De komende weken verblijven we in onze reis door de wereld van het strijkkwartet in Engeland of beter: Groot-Brittannië, waar met name Felix Mendelssohn een grote invloed heeft gehad op het muziekleven. Hij had zelfs een paar Engelse studenten, onder wie William Sterndale Bennett (1816-1875). Deze heeft als tiener een Strijkkwartet in G-gr.t. geschreven, geheel in de stijl van de Leipziger Schule.
Ook Arthur Sullivan heeft in Leipzig gestudeerd, Hubert Parry echter in Stuttgart. In zijn opleidingsjaren schreef de tiener Sullivan twee werken voor strijkkwartet, een Romance in g-kl.t. en een los kwartetdeel, dat bekend staat als ‘het’ Strijkkwartet in d-kl.t. Sullivan werd echter beroemd met zijn ‘light operas’, zoals The Mikado, Parry met zijn grote orkest- en koorwerken. Het Eerste strijkkwartet van de tiener Parry ademt nog de sfeer van Mendelssohn.
William Sterndale Bennett (1816-1875) – Strijkkwartet in G-gr.t. (1831)
(1) Allegro moderato, (2) Adagio, (3) Menuetto. Allegro, (4) Finale. Allegro
Uitvoerenden: Villiers Quartet
CD: Naxos
Arthur Sullivan (1842-1900) – Romance in g-kl.t. (1858?)
Arthur Sullivan (1842-1900) – Strijkkwartet in d-kl.t. (1858/59)
Uitvoerenden: Yeomans String Quartet
CD: SOMM Recordings
Hubert Parry (1848-1918) – Strijkkwartet nr. 1, in g-kl.t. (1867)
(1) Allegro con fuoco, (2) Andante, (3) Allegro vivace
Uitvoerenden: Archaeus Quartet
CD: MPR
Tot slot van de weken die we in Frankrijk hebben doorgebracht, komen we bij de grote voorman van de Société Nationale de Musique, het platform dat sinds 1871 zoveel heeft bijgedragen aan de herwaardering van de instrumentale en vooral de kamermuziek in Frankrijk, dan vooral van eigen bodem, de Ars Gallica, Camille Saint-Saéns. Deze speelde graag leentjebuur. Zo zou je bij het Eerste strijkkwartet, in e-kl.t. zomaar kunnen vergeten dat deze partituur in 1899 is geschreven en niet een onbekend werk van Mendelssohn van zestig jaar terug is. Of van Beethoven, in het geval van het dramatische Molto adagio. In het driedelige Tweede strijkkwartet, in G-gr.t. betreffen de dankbetuigingen vooral Haydn en Mozart. Alsof Saint-Saëns met het klimmen der jaren verder terug in de tijd ging.
Camille Saint-Saens (1835-1921) – Strijkkwartet in e-kl.t., opus 112 (1899)
(1) Allegro, (2) Molto allegro quasi presto, (3) Molto adagio, (4) Allegro non troppo
Uitvoerenden: Viotti Quartet
CD: Warner Classics
Camille Saint- Saëns – Strijkkwartet in G-gr.t., opus 153 (1918)
(1) Allegro animato, (2) Molto adagio, (3) Interlude et Final: Andantino, Allegro con moto
Uitvoerenden: Viotti Quartet
CD: Warner Classics
Wie het kwartet van Magnard nog in de oren heeft, zal verbaasd zijn over het contrast met het andere strijkkwartet van datzelfde jaar, 1903, namelijk dat van Maurice Ravel. Ravel en Debussy worden vaak met elkaar verbonden, hoewel Ravel door en door een classicist is en Debussy een anti-classicist. En geen van beiden waren impressionisten. Beiden hebben zich echter verdiept in de cyclische structuren van Franck en zijn leerlingen.
Het enige kwartet dat Ravel’s leermeester Gabriel Fauré aan het einde van zijn leven schreef, het Strijkkwartet in e-kl.t. (opus 121) uit 1924, is gezien de tijd waarin het werd geschreven een enigszins ouderwets werk. Echter met grote muzikale zeggingskracht. Hier is een meester aan het woord die niets meer hoeft te bewijzen.
Maurice Ravel (1875-1937) – Strijkkwartet in F-gr.t. (1903)
(1) Allegro moderato. Très doux, (2) Assez vif. Très rythmé, (3) Très lent, (4) Vif et agité
Uitvoerenden: Orpheus String Quartet
CD: Channel Classics Records
Gabriel Fauré (1845-1924) – Strijkkwartet in e-kl.t., opus 121 (1924)
(1) Allegro moderato, (2) Andante, (3) Allegro
Uitvoerenden: Quatuor Ébène
CD: Warner Classics
From the publisher's feed