
Sign up to save your podcasts
Or


Ga!
Lech lecha is de oproep aan Abram om uit te gaan uit Ur der Chaldeeën. Dat is ook het Babylon van zijn dagen. De geschiedenis herhaalt zich. Dat wordt gezegd wanneer zich feiten voordoen met eenzelfde karakter als die eerder plaatshadden. Natuurlijk is het nooit letterlijk hetzelfde, maar het patroon is herkenbaar. Alsof je een déjà vu hebt. Iets wat je eerder hebt gezien.
De Bijbel kent ook een patroon waarin een crisis leidt tot een nieuwe stap in de ontwikkeling van de wereld. Een nieuwe stap in het volwassen worden van de mensheid. Een stadium in de komst van het Koninkrijk van God in deze wereld. Ja, dat gaat via Israël, de eerstgeborene. Elke keer start dit patroon met de oproep om uit te gaan. Ga, gij! Lech lecha. En elke keer dat dit patroon zich in de Schrift ontvouwt, is er ook sprake van een aanval van Amalek. Ook in parasha Lech Lecha vinden we voor het eerst een verwijzing naar Amalek.
De parasha Lech lecha omvat geheel, en voor de eerste keer een tijdpatroon dat in totaal zeven keer in de Schrift is te vinden. De Bijbel is de vertelling van de vestiging van het Koninkrijk van God in de tijd. De grote lijn van de wereldgeschiedenis is dat Amalek steeds een aanval doet op een onderdeel van Gods plan van de komst van het Koninkrijk. De geschiedenis herhaalt zich. In het eerste deel bespreek ik de zeven fasen van het zogenaamde Amalek-patroon. In het tweede deel bestuderen we het Amalek-patroon in onze parasha, in de dagen van Abram.
Zie! De zegen en de vloek
Heel opmerkelijk begint deze parasha midden in een hoofdstuk met het woordje Zie!
Wat moeten we dan gaan zien? In dit Leerhuis bespreken we Deuteronomium 11:26-31.
In het centrum daarvan staat vijf aanwijzingen over de locatie van de bergen Gerizim en Ebal. Alsof deze verstopt liggen...
Maar dat is helemaal niet het geval. Waarom dan toch zoveel extra aanwijzingen die onze aandacht vragen?
Slechts een paar verzen. Met een diepe profetische inhoud. In het eerste deel bestuderen we het woordje Zie! Re'eh!
Daarna staan we stil bij de twee bergen. De berg Gerizim waar de zegen wordt uitgesproken. En de berg Ebal, de berg van de vloek.
Tenslotte verwonderen we ons over het profetisch getuigenis in de vijf aanwijzingen van de locatie van de bergen.
Parasha Pinchas
De parasha die deze week op het rooster staat, is Parasha Pinchas. Dit gedeelte van de Thorah is genoemd naar de zoon van de priester Eleazar, Pinchas. Het volk Israël staat aan de grens van het beloofde land. Nog even en de woestijnreis is ten einde. De reis door de zevende dag eindigt en de achtste dag breekt aan.
Dat is een kanteling in de tijd. Een wisseling van tijdperk. Zoals ook wij in onze dagen een kanteling meemaken. We staan op de grens van de Messiaanse tijd. De voetstappen van de Messias worden gehoord en de barensweeën van de nieuwe tijd worden sterker en volgen elkaar steeds sneller op.
De Thorah is de blauwdruk van de wereld en de wereldgeschiedenis. Ook uit Parasha Pinchas komt dat onderwijs. Centraal staat de verdeling van het land naar de geslachten. Daarover wil ik in dit Leerhuis nadenken. De grens is bereikt. Eerst kijken we dan naar de telling van de strijdbare mannen, Num. 26. Vervolgens onderzoeken we de betekenis van de dochters van Tselophechad. Op de grens van het beloofde land gaat het dus over de telling van de strijdbare zonen en over het erfbezit van de dochters.
De vijf rechtvaardige dochters van Tselaphechad tonen ons de Rechtvaardige Messias. We vinden ze terug in de gelijkenis van de wijze en de dwaze meisjes. Wil je het verband weten? Leer dan weer mee in het Leerhuis.
Preek over Numeri 19.
Succat Yeshua - Katwijk.
9 juli 2022
Parasha Behaälotcha
Het licht is voor den rechtvaardige gezaaid, en vrolijkheid voor de oprechten van hart. (PSALM 97:11). Het eerste wat de Eeuwige deed, was het brengen van licht in de duisternis. Orde in de chaos. Licht is nodig om onze weg te gaan. Om te leven. Om onze plaats te bepalen.
De parasha begint met het ontsteken van de lampen op de gouden kandelaar. Aaron, de Lichtbrenger, verheft de lampen. Het licht op de lampen komt van de overzijde en schijnt tot aan de andere kant. Het schijnt in ons gezicht en zet ons leven in het licht van God.
Aaron wordt zo een getuige van het licht. Dat is het thema van dit leerhuis: getuigen van het licht.
Eerst gaat het over het ontsteken van het licht. Dan bestuderen we Num. 8:1-4. We zullen zien hoe het ontsteken van het licht, maar ook het werk van de kandelaar ons een profetisch gezicht geeft op het getuigenis van het Licht in deze wereld.
Daarna gaan we naar de twee getuigen van het licht. Dat lezen we in de Haftara, Zacharia 4. Het beeld van de kandelaar wordt uitgebreid met een oliekom. Daarin stroomt de voorraad olie die geperst wordt uit de zonen van de olie.
Die getuigen komen we ook tegen in Openbaring 11. Dan gaat het over het volbrengen van het getuigenis. Dat bespreek ik in de preek in gemeente Shamar (18 juni 2022).
Melaatsheid is de zonde tegen de gemeenschap.
De Thorah ruimt een grote plaats in voor het onderwijs over melaatsheid. In de vorige parasha Tazria kwam al aan de orde wat er moest gebeuren in als iemand van de gemeenschap verdacht werd van melaatsheid. Uiteindelijk kon een melaatse geen deel meer uit maken van deze gemeenschap.
In de parasha Metsora – Melaatse - van deze week vinden we de keerzijde. Wat moet er gebeuren als iemand van de plaag van melaatsheid is genezen. Wat zijn dan de voorschriften voor de reiniging?
Nu roept dit onderwijs over melaatsheid veel vragen op en ik noem er een paar.
- Waarom is melaatsheid zo belangrijk? Er zijn toch nog heel veel meer ziekten en plagen en daarover lezen we niet of nauwelijks iets.
- Wat is de relatie tussen melaatsheid en leven in de gemeenschap?
- Waarom moest een melaatse roepen: onrein, onrein?
- Waarom ligt de nadruk op onreinheid?
In dit leerhuis gaan we op zoek naar antwoorden de op deze vragen. En hét Antwoord op melaatsheid is de Melaatse Messias.
Preek over de parasha Wajikra. En Hij roept.
Beth HaTikva, Veenendaal
12 maart 2022
Parasha Pekoeda
Eind goed, al goed.
Het einde van de Woorden. En tegelijk een nieuw begin. Het begin van de tocht door de woestijn in aanwezigheid van de Aanwezige. Bijna de helft van het boek Exodus gaat over de bouw van de tabernakel, de mishkan. Eerst geeft de Aanwezige aan Mozes instructies wat en hoe hij alles moet laten maken. Vervolgens – na de verbreking en de vernieuwing van het verbond – zegt Mozes aan het volk wat ze moeten maken. En tenslotte maken ze het en keurt Mozes of het goed is. Eind goed, al goed.
Parasha Pekoeda begint met een overzicht van de opbrengsten in goud, zilver en koper. En waar het voor zal worden gebruikt. En opnieuw worden Betsaleel en Aholiab genoemd. De kunstenaars die de tabernakel vormgeven. Waarom worden zij voor de derde keer genoemd? En waarom staat daar ook de naam van Ithamar, de priester? Wat is zijn rol in de bouw van de tent van ontmoeting en van getuigenis? Leer mee in dit leerhuis.
In deel 1 gaat het over Alles wat telt. (Exodus 38:21-23) en in het
tweede deel zien we wat het kost. Het mag wat kosten. Ik neem dan als uitgangspunt Exodus 38:24-31.
Mishpat betekent recht. En recht gaat altijd over jouw plek ten opzichte van de plek van de ander, de naaste. Ieder mens heeft recht op een plek op de wereld. En hoe bewaken we dit principe met elkaar? Hoe zorgt de Eeuwige ervoor dat wij, Zijn schepselen, dat in het oog
kunnen houden op onze levensreis. Daarvoor gaf Hij de Tien Woorden. Die Tien Woorden reguleren de verhouding tussen de Schepper en de mens. De onderlinge verhouding wordt gereguleerd door de Mishpatiem,
de Rechtsregels. Het thema van dit leerhuis is: Uit het slavenhuis geleid, rechtsregels voor onderweg. Achtereenvolgens zien we de Tien Woorden als leidraad en de Rechtsregels voor onderweg.
From the publisher's feed