
Sign up to save your podcasts
Or


Mieczyslaw Weinberg (1919-1996) – Strijkkwartet nr.6, in e-kl.t., opus 35 (1946)
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: CPO
Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) – Strijkkwartet nr.4, in D-gr.t., opus 83 (1949)
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: Alpha Classics
Na de oorlog zijn Sjostakovitsj en Weinberg dikke vrienden geworden. Maar beiden moesten zich ook gedeisd houden, beducht als ze waren voor kritiek van de staat op hun werk. Het omvangrijke Zesde strijkkwartet in e-kl.t., opus 35, van Weinberg bleef dan ook lange tijd verborgen en beleefde zijn eerste uitvoering pas in 2007. Enkele jaren later, in 1949, voltooide Sjostakovitsj zijn Vierde strijkkwartet in D-gr.t., opus 83. Ook dit werk bleef lange tijd in portefeuille, tot na de dood van Stalin.
Mieczyslaw Weinberg (1919-1996) – Strijkkwartet nr.5, opus 27 (1945)
Uitvoerenden: Arcadia Quartet
CD: Chandos
Nikolaj Mjaskowski (1881-1950) – Strijkkwartet nr.12, in G-gr.t., opus 77 (1947)
Uitvoerenden: Taneyev String Quartet
CD: Northern Flowers
Het Vijfde strijkkwartet, opus 27, van Weinberg uit 1945 is het eerste waarin hij oprecht boos lijkt te zijn en dan vooral daar waar je het niet zou verwachten, in de Humoreske en de Serenade. We horen hier woede met de kiezen op elkaar. Mjaskowski droeg zijn Twaalfde strijkkwartet, in G-gr.t. opus 77 op aan zijn student Kabalevsky. Het werk begint verrassend broeiend en somber maar licht direct op wanneer het hoofddeel inzet. Het is echte kwartetmuziek, die ook bij ons een podium verdient.
Sergej Prokofjev (1891-1953) – Strijkkwartet nr.2, in F-gr.t., opus 92 (1941)
Uitvoerenden: Pavel Haas Quartet
CD: Supraphon
Vissarion Shebalin (1902-1963) – Strijkkwartet nr.5, in F-gr.t., opus 33 ‘Slavische’ (1942)
Uitvoerenden: Borodin Quartet
CD: Melodiya
Nikolaj Mjaskowski (1881-1950) – Strijkkwartet nr.6, in g-kl.t., opus 49 (1939/40)
Uitvoerenden: Taneyev String Quartet
CD: Northern Flowers
Tijdens de oorlogsjaren deed de Sovjet-overheid er alles aan om de componisten in de luwte te houden. Zij moesten immers het moreel van de soldaten en van de burgerbevolking hoog houden met hun heldhaftige muziek. Zo werden tal van componisten ver van het front geplaatst, vooral in het zuidoosten van de Sovjet-Unie. Zo werd Sergej Prokofjev geëvacueerd naar de stad Nalchik in Kabardië-Balkarië (het noordelijk deel van Kaukasus, grenzend aan Georgië), waar hij zijn Tweede strijkkwartet, in F-gr.t., opus 92 componeerde met tal van volksmelodieën uit deze regio.
Het vijfdelige Vijfde strijkkwartet in F-gr.t. van Shebalin staat bekend als het Slavische kwartet. Hij schreef het in 1942, het jaar dat hij directeur werd van het Conservatorium van Moskou. Het is, passend bij een tijd van oorlog, in hoge mate ‘nationaal’ van karakter, met verwijzingen naar de muziek van Tsjaikovski.
Mieczyslaw Weinberg (1919-1996) – Strijkkwartet nr.3, in d-kl.t., opus 14 (1940)
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: CPO
Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) – Strijkkwartet Nr.2, in A-gr.t., opus 68 (1944)
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: Alpha Classics
Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) – Strijkkwartet nr.1, in C-gr.t., opus 49 (1938)
Uitvoerenden: Quatuor Danel
Nikolaj Mjaskowski (1881-1950) – Strijkkwartet nr.5, in e-kl.t., opus 47 (1938/39)
Uitvoerenden: Taneyev String Quartet
Arthur Lourié (1892-1966) – Suite voor strijkkwartet (1924) (Derde Kwartet)
Uitvoerenden: Leipziger Streichquartett
Sjostakovitsj noemde zijn Eerste strijkkwartet, in C-gr.t., opus 49, uit 1938, ‘lenteachtig’. Het heeft veel weg van een moderne Haydn, met eenvoudige melodieën, maar ook een geheel eigen signatuur: soms mistroostig, enigszins onthecht, ja schielijk en hier en daar gemaakt vrolijk.
De voormalige avantgardist Nikolaj Myaskowski kon met zijn Vijfde strijkkwartet, in e-kl.t., opus 47 niet ontkomen aan de druk van de partij en de eisen die deze aan de componisten stelde. Het resultaat is een mooi en bescheiden kwartet. Alles is hier even zangerig en expressief. Niets is te merken van de ijzige kou bij hem thuis (hij schreef het speelse scherzo op 26 december 1938 in de ijzige kou) noch in politieke zin.
In de jaren twintig was Lourié al in Frankrijk gearriveerd en schreef geheel naar de smaak van die tijd een neobarok Derde strijkkwartet. Het lijkt erop dat Stravinsky over de rug van Lourié meekeek toen hij zijn Suite (want dat is de officiële titel) componeerde.
Nikolaj Roslavets (1880-1944) – Strijkkwartet nr.3 (1920)
Uitvoerenden: Leipziger Streichquartett
Alexander Tcherepnin (1899-1977) – Strijkkwartet nr.2, opus 40 (1926)
Uitvoerenden: Groupe Instrumental de Paris
Dmitri Kabalevski (1904-1987) – Strijkkwartet nr.1, in a-kl.t., opus 8 (1928)
Uitvoerenden: Stenhammar Quartet
In die jaren werden de regels vastgelegd voor wat uiteindelijk als ‘sociaal realisme’ te boek is komen te staan: de sovjetcomponist moet zijn aandacht bovenal richten op de zegevierende vooruitstrevende doelstellingen van de werkelijkheid, op al wat heldhaftig, helder en mooi is.
Roslavets kon in 1920 echter nog min of meer zijn gang gaan. En dat gold ook voor Alexander Tcherepnin, die inmiddels in Frankrijk zat. Dmitri Kabalevsky was echter uit een ander hout gesneden, en voegde zich met aangename, goed speelbare en toch niet gedateerde muziek.
Alexander Gretchaninov (1864-1956) – Strijkkwartet nr.4, in F-gr.t., opus 124 (1929)
Uitvoerenden: Utrecht String Quartet
Sergej Prokofjev (1891-1953) – Strijkkwartet nr.1, in b-kl.t., opus 50 (1930)
Uitvoerenden: Pavel Haas Quartet
Alexander Gretchaninov hoorde als componist bij de generatie van Alexander Glazoenov. Hij schreef bij voorkeur zangerige, romantische muziek. Zijn Vierde strijkkwartet, in F-gr.t., opus 124, dat hij in 1929 in Frankrijk voltooide, is een mooi voorbeeld van zijn stijl. Ook Prokofjev was naar Frankrijk uitgeweken. Zijn eerste kwartet is een volbloed Russisch werk met verwijzingen naar het ballet De verloren zoon (1929) en het later in Rusland geschreven ballet Romeo en Julia (1936).
Arthur Lourié (1892-1966) – Strijkkwartet nr.1 (1915 – prem 1922)
Uitvoerenden: Utrecht String Quartet
Alexander Mosolov (1900-1973) – Strijkkwartet nr.1, in a-kl.t. opus 24 (1926)
Uitvoerenden: Novosibirsk Philharmonic Quartet
Al ruim voor de revolutie van 1917 hebben zowel Roslavets als Lourié kwartetten geschreven die duidelijk laten horen dat zij goed op de hoogte waren van de nieuwe toontaal die Arnold Schönberg en de zijnen rond 1910 in Wenen hadden ontwikkeld. Een mooi voorbeeld is Lourié’s Eerste strijkkwartet uit 1915.
Na de Revolutie in 1917 bleef het gevoel bestaan dat men aan de vooravond stond van een geheel nieuwe wereld. Moesten de componisten zich daarbij richten tot de nieuwe mens op zoek naar nieuwe klanken of de arbeidersmassa’s en de gewone burgers, die vooral gehoord wilden worden, dus ook hun muziek wilden horen?
Zo is Mosolovs Eerste kwartet, in a (opus 24) uit 1926 weliswaar modern dissonant, maar doet op momenten ook denken aan zijn meest fameuze werk, de IJzergieterij voor orkest, dat nagenoeg gelijktijdig gecomponeerd werd en een eerbetoon is aan de fabrieksarbeiders.
Lucien Durosoir (1878-1955) – Strijkkwartet nr.3 (1934)
Uitvoerenden: Quatuor Diotima
CD: Alpha
Joseph-Ermend Bonnal (1880-1944) – Strijkkwartet nr.2 (1934)
Uitvoerenden: Debussy Quartet
CD: Arion
Jean Rivier (1896-1987) – Strijkkwartet nr.2 (1940)
Uitvoerenden: Mandelring Quartet
CD: audite
Tenslotte klinkt het Tweede strijkkwartet van Jean Rivier, dat dateert uit 1940, dus uit het eerste oorlogsjaar. De weerslag daarvan is eigenlijk alleen te bespeuren in het groots opgezette langzame deel, dat naast grote eenzaamheid ook verzet en woede uitstraalt. Alles klinkt in deze muziek even weldoordacht en knap geconstrueerd, ja, cartesiaans van opzet, boven alle partijen verheven.
Reynaldo Hahn (1874-1947) – Strijkkwartet in a kl.t. (1939)
Uitvoerenden: Quatuor Parisii
CD: naïve Classique
Reynaldo Hahn (1874-1947) – Strijkkwartet in F-gr.t. (1939)
Uitvoerenden: Quatuor Parisii
CD: naïve Classique
Lucien Durosoir (1878-1955) – Strijkkwartet nr.3 (1934)
Uitvoerenden: Quatuor Diotima
CD: Alpha
De in Venezuela geboren Franse componist Reynaldo Hahn was een jaar ouder dan Ravel en studeerde al jong bij Massenet in Parijs. Vlak voor het uitbreken van de oorlog, in 1939, begon Hahn aan de compositie van twee strijkkwartetten, in a-kl.t. en in F-gr.t.. Een jaar later werden zijn werken door de nazi’s vanwege zijn joodse afkomst verboden. Na zijn overlijden in 1947 verdwenen zijn composities vrijwel geheel van het podium. Gelukkig is inmiddels van een terechte revival sprake, zoals bij het beluisteren van de strijkkwartetten duidelijk zal zijn.
Nog minder bekend is de vioolvirtuoos en componist Lucien Durosoir, die na de Eerste wereldoorlog niet meer in staat was op te treden, zich in isolement terugtrok en zich geheel toelegde op het componeren. Zijn muziek, waaronder drie strijkkwarteten, is hoogst origineel en werd pas lang na zijn dood teruggevonden.
From the publisher's feed