
Sign up to save your podcasts
Or


Het Tweede strijkkwartet, in D-gr.t. van Borodin is bekender dan het eerste kwartet. De rijke melodiek, de Russische toets in elk van de delen, het gemak dat uit deze muziek klinkt – het lijkt of het Borodin geen enkele moeite kostte. Hij componeerde het werk in de zomermaanden van 1881, min of meer tegelijkertijd met zijn populaire orkestwerk Op de steppen van Centraal-Azië. Glazoenovs vierdelige Eerste strijkkwartet in D-gr.t., opus 1, is het product van een zeventienjarige student. De jonge componist had toen al enkele jaren privéles gehad van Rimsky-Korsakov en ontwikkelde zich volgens zijn leraar niet van dag tot dag, maar van uur tot uur. De Berceuse van Maximilian d’Osten Sacken is voor de vrijdagavonden bij Mitrofan Beljajev geschreven.
Alexander Borodin – Tweede strijkkwartet, in D-gr.t. (1881)
1. Allegro moderato, 2. Scherzo – Allegro, 3. Notturno – Andante, 4. Finale – Andante – Vivace
Uitvoerenden: Borodin Quartet
CD: Melodyia
Alexander Glazoenov – Eerste strijkkwartet, in D-gr.t., opus 1 (1881/82)
1. Andantino moderato – Allegro moderato, 2. Scherzo. Vivace,3. Andante, 4. Finale. Moderato
Uitvoerenden: Utrecht String Quartet
CD: MDG
Maximilian d’Osten Sacken – Berceuse in b-kl.t. (uit Les Vendredis)
Uitvoerenden: Szymanowski Quartet
CD: SWR Classics (Südwestfunk Radio)
De medisch chemicus Alexander Borodin componeerde zijn Eerste strijkkwartet, in A-gr.t., in 1874/79 als hommage aan Beethoven. Het succes van dit omvangrijke werk was groot. Een dergelijk werk was echter te hoog gegrepen voor de amateurs die met Beljajev samen kwartet speelden. Zij verkozen aangename, niet al te diepgravende muziek, waarmee overigens het strijkkwartet duidelijk ‘salonfähig’ is geworden. De vrijdagavonden bij Beljajev waren toentertijd uniek en zeer geliefd.
Alexander Borodin – Eerste strijkkwartet, in A-gr.t. (1874)
1. Moderato, 2. Andante con moto – Fugato – Un poco piu mosso, 3. Scherzo – Prestissimo, 4. Andante – Allegro risoluto
Uitvoerenden: Borodin Quartet
CD: Melodyia
Uit: Les Vendredis
Nikolaj Artsibushev – Serenade in A-gr.t.
Anatoly Lyadov – Polka in D-gr.t.
Felix Blumenfeld – Sarabande in g-kl.t.
Uitvoerenden: Szymanowski Quartet
CD: SWR Classics (Südwestfunk Radio)
Aanvulling uit Les vendredis:
Anatoly Lyadov – Fuga in d-kl.t.
Tchaikovsky en Les Vendredis
In januari 1876 verbleef Tsjaikovski met zijn broer Modest in Parijs. Modest was in die tijd aangesteld als begeleider en leraar voor het doofstomme jongetje Nikolay Konradi. Tsjaikovski componeerde het Derde strijkkwartet, in es-kl.t., opus 30 in 1876, deels in Parijs, deels in Moskou, en heeft het werk opgedragen aan de nagedachtenis van de Boheemse violist Ferdinand Laub, die in 1875 plotseling was gestorven en die de primarius was die de eerste uitvoeringen van de twee eerdere kwartetten geleid had. U hoort het kwartet in de oorspronkelijke volgorde, met als eerste het Andante funebre e doloroso en daarna het scherzo.
‘Les vendredis’ zijn de befaamde vrijdagavonden bij de rijke muziekliefhebber Mitrofan Beljajev en tevens twee bundels met kwartetcomposities speciaal voor die avonden gecomponeerd.
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski – Derde strijkkwartet, in es-kl.t., opus 30 (1875)
1. Andante sostenuto – Allegro moderato, 2. Allegretto vivo e scherzando, 3. Andante funebre e doloroso, ma con moto, 4. Finale.
Allegro non troppo e risoluto
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: CPO
Uit: Les Vendredis
Anatoly Lyadov – Sarabande in g-kl.t.
Alexander Glazoenov – Courante in G-gr.t.
Alexander Borodin – Scherzo in D-gr.t. 11:04 (1882)
Uitvoerenden: Szymanowski Quartet
CD: SWR Classics (Südwestfunk Radio)
Het Strijkkwartet in Bes-gr.t.. was als kwartetdeel ongetwijfeld bestemd voor een meerdelige compositie, waarvan echter niets is gekomen. Hij verwerkte er een liedje van een tuinman in, dat ook te vinden is in het Scherzo à la Russe vooor piano. Het Tweede strijkkwartet, in F-gr.t., opus 22, is een mooi voorbeeld van de manier waarop elementen uit opera en ballet, voorzien van Russische melodieën, samengebracht worden met de klassieke kwartetstructuren. In 1878 componeerde Tsjaikovski 24 simple pièces à la Schumann voor piano, geïnspireerd door Schumanns Kinderszenen. Een aantal daarvan zijn door de primarius van het Borodin Kwartet, Rostislav Dubinsky, gearrangeerd
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski – Strijkkwartetdeel in Bes-gr.t. (TH110) (1865)
1. Adagio misterioso—Allegro con moto
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: CPO
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski – Tweede strijkkwartet, in F-gr.t., opus 22 (1874)
1. Adagio. Moderato assai, 2. Scherzo. Allegro giusto, 3. Andante ma non tanto, 4. Finale. Allegro con moto
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: CPO
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski – Childern’s Album opus 39 (1878)
Bewerkt van piano voor strijkkwartet door Rostislav Dubinsky
1. Ochtendgebed, 6. De zieke pop, 7. Begrafenis van de pop, 9. De nieuwe pop, 13. Kamarinskaja
Uitvoerenden: Rolston String Quartet
CD: Fuga Libera
Over het algemeen worden Anton Rubinstein en de wat jongere Pjotr Iljitsj Tsjaikovski beiden gezien als voorbeelden van Russische componisten die vooral op de muzikale ontwikkelingen van West-Europa waren georiënteerd en ‘dus’ minder op de eigen Russische cultuur. Toch is dat zeker wat Tsjaikovski betreft een verkeerde voorstelling van zaken. Dat blijkt ook, wanneer we de muziek van beide componisten na elkaar beluisteren, zoals vandaag het Tweede strijkkwartet van Rubinstein uit 1852/53 naast het Eerste strijkkwartet van Tsjaikovski van 1871.
Anton Rubinstein – Tweede strijkkwartet, in c-kl.t., opus 17:2 (1852/53)
1. Moderato, 2. Allegro molto vivace, 3. Molto lento, 4. Moderato
Uitvoerenden: Royal String Quartet Copenhagen
CD: Etcetera
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski – Eerste strijkkwartet, in D-gr.t., opus 11 (1871)
1. Moderato e semplice, 2. Andante cantabile, 3. Scherzo. Allegro non tanto e con fuoco, 4. Finale. Allegro giusto
Uitvoerenden: Quatuor Danel
CD: CPO
De zoektocht naar een eigen Russische stem werd in de generaties na Mikhail Glinka voortgezet, met name door Nikolaj Afanasiev (1821-1898). Daartegenover was de iets jongere Anton Rubinstein (1829-1894) toch meer gecharmeerd door de kwartetten van Beethoven, Mendelssohn en iets later ook Brahms. Rubinstein had weinig op met de nationale school die toentertijd met name vanuit St. Petersburg opgang maakte. In zijn Eerste strijkkwartet in G-gr.t., opus 17:1, uit 1852/53, is dat goed te horen. Daarnaast heeft het Strijkkwartet in a-kl.t. van Afanasiev de toevoeging ‘Volga’ gekregen door het gebruik van het bekende lied van de Wolgaslepers.
Anton Rubinstein – Eerste strijkkwartet, in G-gr.t., opus 17:1 (1852/53)
1. Moderato con moto, 2. Andante con moto, 3. Presto – Allegro moderato, 4. Allegro assai
Uitvoerenden: Royal String Quartet Copenhagen
CD: Etcetera
Nikolaj Afanasiev – Strijkkwartet in a-kl.t. ‘Wolga’ (1860)
1. Moderato, 2. Allegretto, 3. Adagio en attacca: Allegro non troppo
Uitvoerenden: Leipziger Streichquartett
CD: MDG
Met Josef Suk (1874-1935) ronden we ons verblijf in Bohemen af. Suk was een leerling van Dvořák en bovendien zijn schoonzoon. Hij was tevens de tweede violist van de befaamde ‘Bohemers’, het latere Tsjechisch Strijkkwartet. Zijn Eerste strijkkwartet, in Bes-gr.t., opus 11, dateert van 1896. Evenals Fibich en Foerster had Josef Suk weinig affiniteit met volksmuziek, althans in de folkloristische zin van het woord. Het eerste kwartet is een expressief en betoverend werk. Suk heeft in 1915 de partituur van dit kwartet gereviseerd en toen het laatste deel vervangen door een langer, gecompliceerd en vooral moderner slotdeel, dat hij daarna ook weer verwijderde. Als Quartettsatz in Bes-gr.t. kan het echter nog steeds uitgevoerd worden. Het programma wordt afgesloten met drie korte werken: de Barcarolle in d-kl.t. van de veertienjarige student, de Ballade in d-kl.t., een bewerking van een pianowerk uit 1890, en een Menuet, dat voor de Suite opus 21 voor piano was gecomponeerd, maar in 1900 bewerkt werd voor strijkkwartet.
Josef Suk – Strijkkwartet in Bes-gr.t., opus 11 (1896, rev.1915)
1. Allegro moderato, 2. Intermezzo, 3. Adagio, 4. Allegro giocoso
Uitvoerenden: Minguet Quartet
CD: CPO
Josef Suk – Quartettsatz in Bes-gr.t.
Uitvoerenden: Minguet Quartet
CD: CPO
Josef Suk – drie afzonderlijke korte composities:
Barcarolle (1888), Ballade in d (1890) en Menuet (1897/1900)
Uitvoerenden: Minguet Quartet
CD: CPO
Josef Bohuslav Foerster (1859-1951)
Josef Bohuslav Foerster componeerde vijf strijkkwartetten. Het Eerste strijkkwartet, in E-gr.t., opus 15, in de jaren dat zijn loopbaan als organist, koordirigent, docent en muziekcriticus algemeen gevestigd was. Vijf jaar later reviseerde hij het voor publicatie. Hij droeg het toen op aan Tsjaikovski, die hij eind 1888 in Praag had leren kennen toen zijn vrouw de rol van Tatjana in Jevgeni Onjegin zong aan het Nationaal Theater. Tsjaikovski en Foerster bleven bevriend tot de dood van de eerste in 1893. Het Tweede strijkkwartet, in D-gr.t., opus 39, schreef Foerster datzelfde jaar, toen hij met zijn echtgenote naar Hamburg was afgereisd. In dit driedelige kwartet is de ontwikkeling van Foerster goed te horen. Zijn ingetogen zangerige muziek is knap geconstrueerd, innemend en afstandelijk tegelijkertijd.
Josef Bohuslav Foerster – Strijkkwartet in E-gr.t., opus 15 (1888)
1. Allegro, 2. Scherzo, 3. Adagio, 4. Allegro con brio
Uitvoerenden: Stamic Quartet
CD: Supraphon
Josef Bohuslav Foerster – Strijkkwartet in D-gr.t., opus 39 (1893)
1. Lento-Allegro, 2. Andante, 3. Andantino
Uitvoerenden: Stamic Quartet
CD: Supraphon
Na de feestelijke finale van het Dertiende strijkkwartet in G-gr.t., opus 106 ronden we de kwartetten van Dvorak af met zijn laatst voltooide werk, het Veertiende strijkkwartet, in As-gr.t., opus 105. Sommige beschouwers van Dvoráks muziek zien hierin nog elementen van zijn Amerikaanse verblijf, maar dat is toch echt ‘wishful thinking’. Het Kwartet in As-gr.t. is een oprecht Boheems werk, als een hunkering vanuit Amerika naar zijn vaderland, en eenmaal daar aangekomen als de bevestiging van zijn onverwoestbare wortels in het Boheemse land! Ter afronding volgen nog drie Cypressen uit 1865 voor kwartet bewerkt in 1887.
Antonin Dvořák – Strijkkwartet in G-gr.t. (nr.13), opus 106 (1895)
4. Andante sostenuto – Allegro con fuoco
Uitvoerenden: Vogler String Quartet
CD: CPO
Antonin Dvořák – Strijkkwartet in As-gr.t. (nr.14), opus 105 (1895)
1. Adagio ma non troppo-Allegro appassionato, 2. Molto vivace, 3. Lento e molto cantabile, 4. Allegro non tanto
Uitvoerenden: Vogler String Quartet
CD: CPO
Antonin Dvořák – Drie Cypressen
Nr’s 6 (Andante moderato), 7 (Andante con moto) en 8 (Lento)
Uitvoerenden: Vlach Quartet Praag
CD: Naxos
In 1892 werd Dvořák aangesteld als directeur van de nieuwe National Conservatory of Music of America in New York. Een mooie kans om de Amerikaanse muziek te bestuderen. Direct en indirect heeft deze ‘ontdekkingsreis’ tot twee vermaarde composities geleid, de Symfonie ‘Uit de nieuwe wereld’, en het Strijkkwartet in F-gr.t. opus 96, ook bekend als het ‘Amerikaanse kwartet’. Niet eerder was Dvořák zo economisch te werk gegaan. De verschillende thema’s in elk van de delen van het kwartet liggen bovendien stuk voor stuk goed in het gehoor en zijn makkelijk na te zingen.
Eenmaal terug in Bohemen componeerde Dvořák in 1895 nog twee strijkkwartetten, in As-gr.t. (opus 105) en in G-gr.t. (opus 106). Het Strijkkwartet in G-gr.t. lijkt Dvořák aangewaaid te zijn. Hij was zo blij weer terug in Bohemen te zijn dat de thema’s voor dit kwartet zonder enige moeite uit zijn pen rolden. Vandaag van dit kwartet de eerste drie delen, volgende week de finale.
Antonin Dvořák – Strijkkwartet in F-gr.t. (nr.12), opus 96 ‘Amerikaanse’ (1893)
1. Allegro ma non troppo, 2. Lento, 3. Molto vivace, 4. Finale. Vivace ma non troppo
Uitvoerenden: Vogler String Quartet
CD: CPO
Antonin Dvořák – Strijkkwartet in G-gr.t. (nr.13), opus 106 (1895)
1. Allegro moderato, 2. Adagio, ma non troppo, 3. Molto vivace
Uitvoerenden: Vogler String Quartet
CD: CPO
From the publisher's feed