
Sign up to save your podcasts
Or


Vandaag blijven we nog even bij Friedrich Gernsheim. Nu met diens Derde strijkkwartet, in F-gr.t., opus 51, uit 1886. Dit is wat in de tweede helft van de negentiende eeuw werd gezien als een groots kamermuziekwerk, breed aangelegd, diep gevoeld, een echt strijkkwartet in de traditie van Beethoven en Brahms.
Daarnaast muziek van Jan Levoslav Bella, die geboren werd in het Slowaakse stadje Liptau-Sankt-Nikolaus (in de buurt van Bratislava). Bella’s beknopte Vierde strijkkwartet, in Bes-gr.t. uit 1887 klinkt overwegend behoudend met hier en daar wat verwijzingen naar volksmuziek. Toch zitten in deze muziek soms merkwaardig ongepolijste momenten met opvallende harmonische wendingen tegenover elegante melodische omspelingen die eerder in de late 18e dan in de late 19e eeuw thuis horen. Bella’s Tweede strijkkwartet, in e-kl.t., uit 1871, heeft niet zonder reden de bijnaam ‘Hongaarse’ meegekregen en eindigt met een finale (Largo – Con moto – Allegro maestoso) waaruit dat overduidelijk blijkt.
Friedrich Gernsheim – Strijkkwartet in F-gr.t., opus 51 (1886)
1. Allegro, 2. Allegro scherzando, 3. Andante molto cantabile, 4. Tema con variazioni. Moderato
Uitvoerenden: Diogenes Quartet
CD: CPO
Jan Levoslav Bella – Vierde strijkkwartet in Bes-gr.t. (1887)
1. Allegro molto, 2. Andante sostenuto, 3. Allegro, 4. Allegretto
Uitvoerenden: Moyzes Quartet
CD: Marco Polo
Jan Ledoslav Bella – Tweede strijkkwartet in e-kl.t. ‘Hongaarse’ (1871)
4. Largo – Con moto – Allegro maestoso
Uitvoerenden: Moyzes Quartet
CD: Marco Polo
Friedrich Gernsheim was een doorgewinterde componist van een veelzijdig oeuvre. Zijn Tweede strijkkwartet, in a-kl.t., opus 31, voltooide Gernsheim in 1875 in Rotterdam, waar hij jarenlang als dirigent gewerkt heeft. De melodieën van deze compositie zijn pakkend en hebben allure, de vormbeheersing is smetteloos en net als Brahms verstaat Gernsheim de kunst de dwingende aanwezigheid van maatstrepen en de aloude piketpaaltjes van de vormschema’s door een veelheid aan variatietechnieken aan het oor te onttrekken.
Zijn Eerste strijkkwartet, in c-kl.t., opus 25, schreef Gernsheim in 1872, in een voor hem moeilijke tijd in Keulen, waar hij leraar aan het conservatorium was en dirigent van de Gesangverein en het stedelijk orkest. Antisemitische sentimenten en partijpolitiek dwongen hem zijn posities daar in 1874 op te geven en naar Rotterdam te vertrekken. Gelukkig heeft zijn muziek daar niet onder geleden. Opvallend is het ongepolijste Rondo all’Ongarese (Allegro molto vivace), dat als finale dienst doet en een ongegeneerd eerbetoon aan Brahms is, met name verwijzend naar de finale van dienst Eerste pianokwartet, opus 25.
Friedrich Gernsheim – Strijkkwartet in a-kl.t., opus 31 (1875)
1. Allegro, 2. Adagio, 3. Molto vivace ed energico – Meno mosso, 4. Allegro molto e molto energico
Uitvoerenden: Mandelring Quartet
CD: audite
Friedrich Gernsheim – Strijkkwartet in c-kl.t., opus 25 (1872)
1. Allegro energico, 4. Rondo all’ongarese. Allegro molto vivace
Uitvoerenden: Diogenes Quartet
CD: CPO
De joodse dirigent en componist Felix Otto Dessoff (1835-1892) werd 1835 in Leipzig geboren en ontwikkelde zich op jonge leeftijd tot componist en dirigent van formaat. Amper 25 jaar oud kreeg hij de positie aangeboden van dirigent van de Wiener Philharmoniker, dat hij binnen enkele jaren in de internationale aandacht bracht. Zijn Strijkkwartet in F-gr.t., opus 7 werd opgedragen aan Johannes Brahms. Het is een bijzonder aansprekend werk, waaruit levenslust, vakmanschap en bewondering voor Brahms klinkt.
Het Strijkkwartet in f-kl.t. van Heinrich von Herzogenberg is in tegenstelling tot de gewoonte driedelig. Nog vlak voor de dood van Brahms heeft Herzogenberg de bekentenis gedaan dat hij zich bijna zijn leven lang bij elk nieuw werk had afgevraagd ‘wat hij (dus Brahms) ervan zou vinden’. Hij zou tevreden zijn geweest!
Felix Otto Dessoff – Strijkkwartet in F-kl.t. (1878)
1. Allegro ben moderato, 2. Larghetto, 3. Poco andantino, 4. Allegro con brio
Uitvoerenden: Mandelring Quartet
CD: audite
Heinrich von Herzogenberg – Strijkkwartet in f-kl.t., opus 63 (1890)
1. Lento – Allegro moderato, 2. Andante, 3. Vivace
Uitvoerenden: Minguet Quartet
CD: CPO
De componisten waarvan ik vandaag strijkkwartetten laat horen, hebben met zekerheid het werk van tijdgenoten als Richard Wagner en Johannes Brahms gekend en bestudeerd. De eerste, Georg Wilhelm Rauchenecker (1844-1906), kwam in feite uit het kamp van Wagner, maar verkoos in zijn kamermuziek toch de nabijheid van Brahms. Heinrich von Herzogenberg (1843-1900) was van meet af aan een oprechte Brahmsiaan. Rauchenecker schreef zes strijkkwartetten. Het Eerste strijkkwartet, in c-kl.t. uit 1874 mag gerust beschouwd worden als een eerbetoon aan Wagner: in het eerste deel klinkt een zeer herkenbare echo van het hoofdthema van de Siegfried-Idyll.
Herzogenbergs eerste Strijkkwartet, in d-kl.t., opus 18, is een zangerig en mild werk, we zouden bijna zeggen: een ideaal strijkkwartet – intens, intiem, gelaagd en innemend. Met dit eerste kwartet heeft Herzogenberg aangetoond een allround kwartetkunstenaar te zijn.
Georg Wilhelm Rauchenecker – Strijkkwartet in c-kl.t. (1874)
1. Allegro impetuoso, 2. Andante moderato, 3. Allegro vivace, 4. Allegro con fuoco
Uitvoerenden: Winterthur Streichquartett
CD: Jecklin Edition
Heinrich von Herzogenberg – Strijkkwartet in d-kl.t., opus 18 (1876)
1. Allegro moderato, 2. Andante, 3. Presto, 4. Allegro con fuoco
Uitvoerenden: Minguet Quartet
CD: CPO
Het programma van vandaag is geheel gewijd aan de componist Josef Rheinberger (1839-1901), die in 1839 in Vaduz in Lichtenstein werd geboren, maar het grootste deel van zijn leven in München heeft doorgebracht. Hoewel zijn meest bekende composities zijn te vinden op het terrein van de orgelmuziek, heeft hij twee mooie strijkkwartetten gecomponeerd. Het Eerste strijkkwartet, in c-kl.t. (opus 89) is een dankbaar werk, dat indertijd in Nederland in première is gegaan door het fameuze Florentiner Quartett.
Het Strijkkwartet in F-gr.t., opus 147 dateert uit 1886 en bevat onder meer een mooi Adagio en als finale een Introduction und Fuge, waarin Rheinberger als meesterorganist en groot Bachkenner geprobeerd heeft de meester van de grote afsluitende fuga’s, Johannes Brahms, naar de kroon te steken.
Josef Rheinberger – Strijkkwartet in c-kl.t., opus 89 (1875)
1. Allegro non troppo, 2. Adagio espressivo, 3. Scherzo. Non troppo vivo, 4. Finale. Allegretto
Uitvoerenden: Camerata Quartet
CD: Thorofon
Josef Rheinberger – Strijkkwartet in F-gr.t., opus 147 (1886)
2. Adagio, 4. Introduction und Fuge
Uitvoerenden: Camerata Quartet
CD: Thorofon
Toen Hermann Goetz (1840-1876) in 1876 op 35-jarige leeftijd overleed, liet hij vierentwintig genummerde composities na plus een tiental ongenummerde werken. Een klein maar zeer hoogwaardig oeuvre. Het Strijkkwartet in Bes-gr.t. ontstond in Winterthur, maar bleef, ook na een grondige revisie in 1866, zonder opusnummer in de kast liggen om daar pas in 1990 uit tevoorschijn te komen… Een bijzonder werk!
Het Strijkkwartet, in D-gr.t., opus 63, uit 1888, is zonder meer het belangrijkste strijkkwartet van Niels Gade, dat ten onrechte op de titelpagina aangegeven werd als zijn eerste kwartet…. Het was zijn laatste!
Hermann Goetz – Strijkkwartet in Bes-kl.t. 1863/r.1866
1. Mässig bewegt, 2. Sehr ausdrucksvoll, aber nicht zu langsam, 3. Menuett, leicht und lebendig,
Uitvoerenden: Winterthur Streichquartett
CD: Jecklin Edition
Niels Gade – Strijkkwartet in D-gr.t., opus 63, 1889
1. Allegro moderato, 2. Allegro vivace, 3. Andante poco lento, 4. Finale. Allegro con brio
Uitvoerenden: Copenhagen String Quartet
CD: DaCapo
Niels Gade (1817-1890) en Karl Goldmark (1830-1915)
Met de componist Niels Gade (1817-1890) bemerken we eens te meer hoe groot de invloedsfeer van Mendelssohn al in de jaren dertig van de 19e eeuw moet zijn geweest. Ook in Denemarken, waar Gade zijn opleiding heeft genoten en zijn eerste successen als violist en componist heeft geboekt. Het Kwartet in F is volgens Gades dagboek gebaseerd op een jeugdig gedicht van Goethe, Willkommen und Abschied.
De Hongaar Karl Goldmark (1830-1915) was een halve generatie jonger dan Gade en slechts drie jaar ouder dan Johannes Brahms. Ook in zijn muziek is invloed van Mendelssohn en Schumann sterk aanwezig, zeker in het Strijkkwartet in Bes-gr.t. uit 1860. Na een intensieve zelfstudie van de kwartetten van Haydn, Mozart en Beethoven componeerde hij in 1860 zijn enige werk in dit genre.
Niels Gade – Strijkkwartet in F-gr.t. (1840)
1. Allegro di molto, 2. Adagio con espressione
Uitvoerenden: Ensemble MidtVest
CD: CPO
Carl Goldmark – Strijkkwartet in Bes-gr.t., opus 8 (1860)
1. Andante – Allegro moderato, 2. Andante sostenuto, 3. Allegro vivace, 4. Allegro molto
Uitvoerenden: Glenke Quartet
CD: Hänsler Classic
Niels Gade – Strijkkwartet in e-kl.t., opus 8 (1877)
3. Scherzo
Uitvoerenden: Copenhagen String Quartet
CD: DaCapo
Woldemar Bargiel
We naderen langzaamaan steeds meer de kwartetkunst van Johannes Brahms, die meestentijds na Mendelssohn en Schumann als volgend lichtend voorbeeld van hoogstaande kwartetkunst wordt beschouwd. We hebben echter ook bemerkt dat er tussen Schumann en Brahms een weelde aan kwartetten werd geschreven, en dat er in die aanhoudende stroom van nieuwe kwartetten heel wat juweeltjes te vinden zijn. Dat geldt zeker ook voor die van Woldemar Bargiel. Deze heeft met zijn vier kwartetten een interessante brug geslagen tussen Schumann en Brahms, en dan niet alleen met zijn talent, maar evenzeer door zijn afkomst. Hij was immers de halfbroer van Clara Schumann (zij hadden dezelfde moeder). De eerste kwartetten staan dicht bij zijn leermeesters (Mendelssohn en Schumann), het laatste en vierde kwartet kan zich meten met die van Brahms.
Woldemar Bargiel – Strijkkwartet nr.3, in a-kl.t. (opus 15b)
Woldemar Bargiel – Strijkkwartet in d-kl.t. (opus 47)
Woldemar Bargiel – Strijkkwartet in E-gr.t.
Anton Bruckner (1824-1896) en Max Bruch (1838-1920)
Zowel Anton Bruckner (1824-1896) als Max Bruch (1838-1920) hebben niet bepaald een naam te verdedigen als componisten van strijkkwartetten. Bruch was een tiener toen hij als veertienjarige een eerste kwartet schreef, waarvan hij vier jaar later fragmenten in een nieuw kwartet verwerkte, het Strijkkwartet in c-kl.t., opus 9.
Max Bruch – Strijkkwartet in c-kl.t., opus 9
Uitvoerenden: Mannheimer Streichquartett
CD: CPO
Anton Bruckner – Strijkkwartet in c-kl.t. (WAB 111)
Uitvoerenden: Fine Arts Quartet
CD: Naxos
Carl Reinecke
De twee kwartetten van Carl Reinecke die vandaag op het programma staan, zijn geschreven na die van de negen jaar jongere Johannes Brahms. Maar de atmosfeer die uit deze werken spreekt doet eerder aan de muziek van Robert Schumann denken. Het Derde strijkkwartet, in C-gr.t., opus 132, voltooide Reinecke in 1874, toen hij na dienstverbanden als pianist en pianodocent in Kopenhagen en Keulen al langere tijd in Leipzig werkte als chefdirigent van het Gewandhausorkest. Tot zijn pensionering in 1895 vervulde hij in deze stad tevens de positie van professor voor compositie aan het conservatorium en leidde tal van componisten op in het vak. Het Vijfde strijkkwartet, in g-kl.t., opus 287, is naar alle waarschijnlijkheid kort na 1890 geschreven, maar pas in 1910, na zijn dood, uitgegeven. We herkennen zelfs hier en daar de nabijheid van Brahms.
Carl Reinecke – Strijkkwartet in C-gr.t., opus 132 (nr.3) (1874)
Uitvoerenden: Reinhold Quartett
CD: CPO
Carl Reinecke – Strijkkwartet in g-kl.t., opus 287 (nr.5) (c.1890?)
Uitvoerenden: Reinhold Quartett
CD: CPO
From the publisher's feed