
Sign up to save your podcasts
Or


Wie a zegt, moet ook b zeggen, en wie een podcast maakt over de hoge gastro-intestinale bloeding, moet er ook een maken over de lage gastro-intestinale bloeding. In deze aflevering bespreken wij aan welke oorzaken je moet denken bij helderrood bloedverlies en welke stappen je moet zetten voordat jouw patiënt een colonoscopie krijgt. Vanwege reizen/vakanties/sabbatical is dit voorlopig even de laatste aflevering van de House of GodCast, maar jullie horen binnenkort weer van ons. In de tussentijd horen wij graag van jullie waar jullie graag podcasts over zouden willen horen, dan gaan we daarmee aan de slag!
Shownotes
00.00 Introductie
01:15 Klinische presentatie
02:35 Differentiaal diagnose
15:15 Voorgeschiedenis
18:20 Anamnese
20:05 Lichamelijk onderzoek
21:37 Aanvullend onderzoek
23:40 Indicatie colonoscopie
26:10 Timing colonoscopie
27:10 Voorbereiding
32:20 Alternatieven voor colonoscopie
36:45 Afsluitende mededelingen
We willen de komende tijd meer investeren in onze linkedin-pagina, dus volg ons daar voor handige weetjes en feitjes die de podcast niet hebben gehaald, maar wel leuk zijn om te weten, nieuws over de podcast en wekelijkse tips die jij kunt gebruiken om een betere dokter te worden. We zijn ook nog steeds erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen.
Je wordt gebeld en oh help, er komt over 5 minuten een patiënt binnen met een acute gastro-intestinale bloeding op de SEH en jij gaat deze patiënt zien. Fear not, de House of GodCast zorgt ervoor dat jij weet wat je moet doen. Wij bespreken in deze aflevering de differentiaal diagnose van de hoge gastro-intestinale bloeding, de stappen die jij moet doen voor de gastroscopie en hoe het beleid na de scopie er uit zal zien. Verder vertellen Tim en Ernst-Jan je graag over de eerste keer dat zij melena roken en leggen zij voor de derde keer uit hoe je een ureum-kreatinine-mismatch interpreteert.
Shownotes
00.00 Introductie
02:00 Indeling hoge versus lage gastro-intestinale bloeding
05:35 Differentiaal diagnose
11:30 Eerste opvang
Bij tekenen van instabiliteit, vang ABCDE op. Zorg ervoor dat je goede intraveneuze toegang hebt. Geef volumetherapie voor hemodynamische stabilisatie. Geef een erytrocytenconcentraat indien hemodynamisch instabiel. Optimaliseer de stolling. Geef een PPI. Indien je denkt dat er mogelijk een varicesbloeding is, geef vasoactieve medicatie.
18:40 Voorgeschiedenis
Met name gericht op het meer of minder waarschijnlijk maken van twee diagnoses die je niet wilt missen; namelijk een varicesbloeding (dus kijk of patient bekend is met levercirrose of dat er tekenen zijn van portale hypertensie op eerdere CT-scans of is patient bekend met alcoholabusus of hepatitis B of C) of een bloeding uit aorto-enterale fistel (kijk hiervoor of er recent een vaatreconstructie heeft plaatsgevonden).
20:10 Anamnese
23:10 Lichamelijk onderzoek
Let hier vooral op tekenen van leverziekte (dat maakt een varicesbloeding meer waarschijnlijk).
24:59 Bloedonderzoek
Kijk met name naar de hemoglobine-waarde, MCV-waarde, ureum-kreatinine-mismatch, trombocytengetal (streef bij een bloeding naar >50), INR en typering bloedgroep en screenen voor irregulaire antistoffen.
28:45 Wat nog meer voor de gastroscopie?
33:28 Timing van de gastroscopie
35:10 Informed consent bij gastroscopie
37:50 Wat gebeurt er bij een gastroscopie?
42:00 Heel kort over de TIPS
43:18 Behandeling na gastroscopie
We willen de komende tijd meer investeren in onze linkedin-pagina, dus volg ons daar voor handige weetjes en feitjes die de podcast niet hebben gehaald, maar wel leuk zijn om te weten, nieuws over de podcast en wekelijkse tips die jij kunt gebruiken om een betere dokter te worden! We zijn ook nog steeds erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen.
Hoe vaak heb jij je verdiept in zuurbasestoornissen en is het net niet blijven hangen of is het je net niet goed uitgelegd? Laat ons het dan alsjeblieft nog een keertje proberen! In deze aflevering leggen we jou uit hoe het zuurbase-evenwicht ook alweer werkt en hoe je een zuurbasestoornis aanpakt. No more Kussmaulse ademhaling als je gevraagd wordt waar die metabole acidose vandaan komt, geen braakneigingen meer als je die metabole alkalose niet kunt verklaren, niet meer hyperventileren omdat je die respiratoire alkalose niet begrijpt en nooit meer ademstops van een respiratoire acidose!
Shownotes
00.00 Introductie
02.00 Zuurbase-evenwicht in het lichaam
De centrale vergelijking: bicarbonaat (HCO3–) + H+ <-> CO2 en H20, deze reactie kan beide kanten op plaatsvinden. Wanneer bicarbonaat wordt omgezet in CO2 en H20 dan wordt er een H+ verbruikt en stijgt de pH, wanneer CO2 wordt ingezet in bicarbonaat dan ontstaat er een H+ en daalt de pH.
10:45 Hoe herken je een zuurbasestoornis?
Bij een zuurbasestoornis is het primaire probleem ofwel een stoornis in de bicarbonaat-concentratie of in de CO2-concentratie.
ROME = respiratory opposite, metabolic equal
Bicarbonaatwaarde gaat dezelfde kant op als de pH (dus laag bicarbonaat betekent lage pH), CO2 gaat de andere kant op als de pH (dus hoog CO2 betekent lage pH).
15:12 Compensatie
17:50 Metabole acidose
Primaire probleem is een lage bicarbonaat-waarde, kan ontstaan op 2 manieren, ofwel je verliest bicarbonaat (dit kan via de darmen of de nieren) ofwel er komt een zuur bij (endogeen of exogeen).
21:50 De anion-gap (Na - chloor - bicarbonaat)
Gebruik het ezelsbruggetje GOLDMARK voor een overzicht van zuren die kunnen zorgen voor een metabole acidose met verhoogde anion gap.
24:58 Metabole alkalose
Probleem hier is een stijging van de bicarbonaat waarde waarbij een alkalose ontstaat. Als compensatie hierop zal de CO2-waarde ietwat stijgen (de respiratoire compensatie).
28:00 Respiratoire acidose
Primaire probleem is een te hoge CO2-waarde (met een brede differentiaal diagnose), om een idee te krijgen waar het probleem ligt kun je de A-a-gradient berekenen.
32:15 Respiratoire alkalose
34:30 Nog een keer
Lage pH, lage bicarbonaatwaarde -> metabole acidose
Lage pH, hoge CO2-waarde -> respiratoire acidose
Hoge pH, lage CO2-waarde -> respiratoire alkalose
Hoge pH, hoge bicarbonaatwaarde -> metabole alkalose
36:30 Gecombineerde stoornissen
Voor elke zuurbasestoornis is er een formule waarmee je de adequaatheid van de compensatie kunt berekenen, als dat onvoldoende is, dan is er een tweede zuurbasestoornis.
We willen de komende tijd meer investeren in onze linkedin-pagina, dus volg ons daar voor handige weetjes en feitjes die de podcast niet hebben gehaald, maar wel leuk zijn om te weten, nieuws over de podcast en wekelijkse tips die jij kunt gebruiken om een betere dokter te worden!
We zijn ook nog steeds erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen.
Pijn is helaas een van de meest voorkomende klachten op de verpleegafdeling, spoedeisende hulp of in de spreekkamer. En niemand wil natuurlijk dat zijn of haar patiënt pijn heeft, dus is het belangrijk dat je hier op een goede (en verantwoordelijke) manier mee om kunt gaan. In deze aflevering van de House of GodCast leer je hoe we in de klinische praktijk pijn meten, welke middelen we in kunnen zetten om pijn te bestrijden, welke bijwerkingen je kunt verwachten en welke medicatie Tim en Ernst-Jan gebruiken als ze zelf niet zo lekker zijn.
Shownotes
00:00 Introductie
01:45 Verschillende soorten pijn
Nociceptieve pijn wordt veroorzaakt door weefselschade (trauma, inflammatie, ischemie). Neuropathische pijn wordt veroorzaakt door schade aan de zenuwen
04:00 Ernst van de pijn
06:20 De pijnladder
Stap 1: paracetamol; Stap 2: NSAID; Stap 3: zwak-werkend opioid; Stap 4: sterk-werkend opioid
07:10 Paracetamol
Bestaat als tablet en zetpil en kan ook intraveneus worden gegeven (dan heet het perfalgan en veroorzaakt dan soms een bloeddrukdaling). Bij overdosering vooral leverschade. Bij ernstige leverschade (of risicofactoren daarop) dus ook lager doseren.
11:00 NSAIDs (naproxen, diclofenac, ibuprofen en celecoxib).
Sterker analgetisch effect dan paracetamol, maar wel een ongunstiger bijwerkingenprofiel. Met name nierschade, maagulcera, verhoogd cardiovasculair risico. Werkingsmechanisme is remming van het enzym cyclo-oxygenase (COX). Er bestaan hier twee vormen van, COX-1 en COX-2. De pijnstillende werking is via remming van COX-2. Meeste NSAID remmen beide (behalve celecoxib; remt alleen COX-2). Belangrijk is juiste patiëntselectie; niet bij hartfalen, nierschade, levercirrose en eerdere maagzweren. Geef zeer laagdrempelig een maagbeschermer bij.
Metamizol: vooral IV beschikbaar, soort-van NSAID met weinig bijwerkingen; wel soms allergische reactie en heel zeldzaam agranulocytose (volledige afwezigheid granulocyten en dus potentieel zeer ernstige infecties).
18:00 Zwak-werkende opioïden
Wat ongunstig bijwerkingprofiel met misselijkheid, obstipatie, sufheid en verwardheid.
20:30 Sterk-werkende opioïden
Vaak combinatie van langwerkende variant met kortwerkend preparaat voor doorbraakpijn
* morfine (iv/s.c. en oraal, zowel tablet als drank)
* oxycodone (oxyCONTIN=langwerkend, oxynorm=kortwerkend)
* fentanyl (als pleister=langwerkend); neusspray en smelttablet (abstral) is kortwerkend
* methadone, hydromorphon, tapentadol
Doseringen erg afhankelijk van middel, kijk naar omrekentabel. Bij veel bijwerkingen wisselen van middel soms effectief (opioidrotatie).
28:00 Bijwerkingen bij opiaten
Gastrointestinaal (obstipatie, misselijkheid), neurologisch (delier, sufheid, coma) en risico op verslaving! Start preventief laxantia, in zeer ernstige gevallen van obstipatie relistor. Bij bewustzijnsdaling en ademdepressie: naloxon (werkt heel snel, wel risico op acute onttrekking).
34:30 Pijnstilling in specifieke gevallen
Neuropathische pijn: amitriptyline (eigenlijk een tricyclisch antidepressivum), pregabaline. Werkt niet acuut dus klinisch beperkte rol
Plexusblokkade: uitschakelen van bepaald zenuwgebeid
Epiduraal/spinaal: bij sommige operaties, bevallingen en extreme gevallen
39:00 Tips
* vergeet niet op zoek te gaan na de oorzaak van de pijn en dit te behandelen
* vraag advies aan het pijnteam
We willen de komende tijd meer investeren in onze linkedin-pagina, dus volg ons daar voor handige weetjes, nieuws over de podcast en wekelijkse tips die jij kunt gebruiken om een betere dokter te worden! We zijn ook nog steeds erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen.
Het is eigenlijk een klein wonder dat we 22 afleveringen hebben gemaakt voordat er eindelijk een aflevering kwam over de pneumonie. Geen zorgen, het woord 'COVID-19' valt maar één (of twee) keer! Waar we het wel over gaan hebben zijn alle dingen die je altijd al wilde weten over 'the old man's friend'. Wanneer heb je het over een HAP of een VAP? Wat is de meest voorkomende elektrolytafwijking bij een legionella-pneumonie? Wat is een 'typisch pneumokokken-verhaal'? Welke verwekkers zijn het meest waarschijnlijk op basis van de anamnese? In de sauna's van welk Zuidoost-Europees land acht Ernst-Jan het risico op een legionella-infectie het hoogst? Dit alles en meer in aflevering 23 van de House of GodCast.
Shownotes
00.00 Introductie
01:18 Verwekkers
Bij het merendeel van patiënten met een pneumonie vind je geen verwekker. De meest voorkomende bacteriële verwekker is (natuurlijk) de pneumokok, de Streptococcus pneumoniae. Andere verwekkers zijn H. influenzae, Mycoplasma en Legionella. Bij mensen met een immuunstoornis is de differentiaal diagnose nog veel breder.
11:50 Anamnese
Denk (sub)acuut begin van hoesten/koorts/dyspneu. Vraag exposities uit; huisdieren ("heeft u een zieke papegaai thuis?"), sauna's, caravans, buitenland-verblijf, begeleiden verschijnselen (denk hoofdpijn bij mycoplasma of legionella of aan gastro-intestinale klachten bij een legionella). Vergeet op de SEH niet te vragen of iemand al voorbehandeld is met antibiotica door de huisdokter (indien iemand al amoxicilline heeft gehad van de huisdokter is het geen pneumokok).
15:00 Lichamelijk onderzoek
Hierbij zijn natuurlijk de vitale parameters sterk van belang (ademhalingsfrequentie, SpO2). Beschrijf wat je ziet, spreekt patiënt volzinnen? Gebruikt patiënt hulpademhalingsspieren? Auscultatie van de longen is natuurlijk van belang, met name een links-rechtsverschil pleit voor een pneumonie.
18:15 Aanvullend onderzoek
20:50 Beeldvorming
Het meest gangbare onderzoek om een pneumonie radiologisch vast te stellen is een x-thorax, bedenk wel dat de gevoeligheid van de x-thorax (vergeleken met de CT) ongeveer 60-70% is. Vergeet ook niet die laterale foto te maken!
25:10 Microbiologische diagnostiek
Vergeet het sputum niet! Een gramprepraat van sputum kan je al snel informatie opleveren en kweek het sputum. Bloedkweken leveren maar zelden een diagnose op, maar moet wel worden gedaan bij een patiënt met koorts/sepsis. Urinesneltesten hebben een beperkte sensitiviteit, maar zijn redelijk specifiek. Voor atypische verwekkers kun je ook een PCR doen.
31:00 Behandeling
Het antibiotisch beleid wordt bepaald door de 'mate van ziekzijn' en die wordt ingeschat op basis van scoresystemen (CURB-65 of PSI). Bij lage CURB-score (0-1) of PSI I-II, dan behandeling met amoxicilline (doxycycline bij allergie). Bij CURB-score 2 of PSI III-IV, dan behandeling met amoxicilline i.v. (en legionella-sneltest). Bij CURB-score 3-5 of PSI V, dan geef je een cefalosporine (bijvoorbeeld cefuroxim) en ciprofloxacine (voor legionella) als iemand naar de IC gaat. Dan doe je ook weer die urinesneltesten.
40:20 Therapiefalen
Stel je voor dat iemand niet opknapt, denk een atypische verwekker (mycoplasma/virus), denk aan een empyeem (antibiotica komt daar minder goed terecht) of resistentie voor antibioticum.
42:20 Aspiratie/HAP/VAP
Een aspiratiepneumonie wordt vaak behandeld met augmentin of cefuroxim+metronidazol (penicilline zal overigens in de meeste gevallen ook wel voldoende zijn).
We zijn erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen, vergeet ons niet te volgen op instagram en geef een waardering aan deze podcast op spotify!
De aflevering die je wist dat zou komen, aflevering 22 van de House of GodCast met alles wat je ooit wilde weten over calcium en fosfaat (en meer)! Nooit meer "moans, stones en groans" wanneer jouw patiënt een afwijkende calcium- of fosfaatwaarde heeft of jouw supervisor je vraagt om het verschil tussen de secundaire of tertiaire hyperparathyreoïdie uit te leggen. Heb jij ook een onderwerp waar je meer over zou willen weten? Laat het ons weten op het bekende emailadres. We zijn blijkbaar bereid overal een aflevering over te maken.
Shownotes
00.00 Introductie
01:55 Calcium- en fosfaathomeostase
Hoofdrolspelers: darmen (voor opname), nieren (als excretie en productie van vitamine D), bot (waar het meeste calcium en fosfaat zich bevindt) en bijschildklier (als producent van PTH).
10:35 Hypocalciemie
Denk deficiëntie: vitamine-D-deficiëntie, PTH-deficiëntie, nierinsufficiëntie, malabsorptie, laag magnesium. Daarnaast nog mogelijk bij medicatie (furosemide (“loops lose”), bisfosfonaten), pancreatitis (neerslag), rhabdomyolyse (alles gaat omhoog behalve calcium).
22:23 Hypercalciemie
Denk aan hyperparathyreoidie of maligniteit. Minder waarschijnlijk: vitamine-D-intoxicatie, immobilisatie, hyperthyreoidie.
39:45 Hypo- en hyperfosfatemie
We zijn erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen, vergeet ons niet te volgen op instagram en geef een waardering aan deze podcast op spotify!
Welkom terug bij deel 2 van maart nier-maand van de House of GodCast. Nadat we jullie vorige keer alles verteld hebben over hoe de nieren werken en wat je precies hebt aan een kreatinine- en ureumwaarde, bespreken we deze week waar je aan moet denken als je geconfronteerd wordt met een acute nierinsufficiëntie. Welke vragen stel je, welke onderzoeken zet je in en uiteindelijk, hoe corrigeer jij die kreatinine-waarde? Dit en meer, deze week in de House of GodCast.
Shownotes
00.00 Introductie
01:20 Oorzaken van een acute nierinsufficiëntie
A priori is de kans dat je op de spoedeisende hulp te maken hebt met ofwel een postrenaal probleem (zoals prostaathypertrofie) of een prerenaal probleem (zoals braken/sepsis/diarree) veruit het grootst. De kans dat je te maken hebt met een glomerulonefritis is (helaas) een stuk kleiner. In het ziekenhuis wordt de kans wel groter op een iatrogene nierinsufficiëntie (dus bijvoorbeeld medicamenteus, rondom een operatie of contrast).
03:15 Voorbereiding
Met name van belang, wat zijn de eerdere kreatinine-waarden en zijn er al eerdere tekenen van een nierinsufficiëntie, bijvoorbeeld een eerder verhoogde kreatinine-waarde of misschien wel proteinurie? Of heeft patient misschien een ziekte waarvan we weten dat die het risico op een nieraandoening verhoogt, zoals bijvoorbeeld hypertensie of diabetes mellitus?
06:36 Anamnese
10:35 Lichamelijk onderzoek
Met name hier belangrijk om de volumestatus van de patient in kaart te brengen, is deze patient hypovolemisch, normovolemisch of hypervolemisch? Bedenk dat bij veneuze stuwing ten gevolge van hartfalen niet alleen maar de beenvaten gestuwd zijn, maar ook de vena renalis en dat dit leidt tot verminderde perfusie van de nier.
15:20 Bloedonderzoek
Bekijk of er sprake zijn van metabole gevolgen van de nierinsufficiëntie (metabole acidose, hypocalciemie, hyperfosfatemie, hyperkaliemie), dit helpt je niet over wat nou precies de oorzaak is, maar is wel belangrijk om te weten en kan van levensbelang zijn.
21:40 Urineonderzoek
Als je bij de interne geneeskunde zit dan moet je eigenlijk wel een fractioneel natriumexcretie bepalen. Hierbij krijg je een idee of er mogelijk sprake is van arteriele ondervulling. De gedachte hierbij is dat een onvoldoende geperfundeerde nier meer natrium gaat resorberen, hierdoor wordt de fractionele excretie van natrium lager. Niet vergeten, als iemand diuretica gebruikt dan is de fractionele natriumexcretie ook hoog als er ondervulling, bepaal dan de fractionele ureum- of urinezuurexcretie.
26:35 Beeldvormend onderzoek
Hierbij is met name de echo van de nieren van belang. Is er sprake van hydronefrose (dilatatie van het verzamelsysteem ten gevolge van verminderde afvloed, dus postrenaal probleem)? Wat is de grootte van de nieren? Kleinere nieren pleit voor een chronische nierinsufficientie.
28:50 Eerste stappen op de SEH
Kijk kritisch naar de medicatielijst! Als er nefrotoxische medicatie in staat, stoppen! NSAIDs, ACE-remmers, SGLT2-remmers interfereren met de renale autoregulatie van de bloedtoevoer, dus deze kun je misschien beter even staken tijdens een acute nierinsufficiëntie (SLGT2-remmers en ACE-remmers hebben op lange termijn wel een gunstige invloed op de nierfunctie, dus niet vergeten te herstarten!). Bedenk daarnaast of er misschien medicatie is die je moet aanpassen op een verminderde nierfunctie (antibiotica, antidiabetica, antistolling en neuroleptica, check hiervoor het farmacotherapeutisch kompas).
We zijn erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen, vergeet ons niet te volgen op instagram en geef een waardering aan deze podcast op spotify!
Je hebt er twee van, ze liggen retroperitoneaal, zijn ongeveer 12 cm lang, produceren gemiddeld 2 liter urine per dag en spelen de hoofdrol in aflevering 20 van de House of GodCast. Wat weet U van de nieren?
Shownotes
00.00 Introductie
01:30 Hoe werkt de nier
Oorspronkelijke quote: "Saying the product of the kidneys is urine is like saying the product of a factory is pollution. Urine is a by-product. The product is homeostasis." @kidney_boy
06:05 Tekenen en symptomen van een nierinsufficiëntie
08:00 Glomerulaire filtratiesnelheid (GFR)
De glomerulaire filtratiesnelheid (of glomerular filtration rate, GFR) is het totale volume van voorurine dat in een bepaalde tijdseenheid (wordt in minuten weergegeven) gefilterd wordt door alle glomeruli bij elkaar.
De kreatinine-klaring (het volume bloed dat door de nieren per minuut wordt ontdaan van kreatinine) is een schatting van de GFR (lichte overschatting), maar om dit te bepalen is het noodzakelijk om 24 uur urine te verzamelen. Het is wat praktischer om de GFR te berekenen door middel van formules die (onder andere) de kreatinine-concentratie in het bloed gebruiken.
12:40 Andere determinanten van de kreatinine-concentratie
Bij mensen met forse spiermassa is de berekende GFR een onderschatting van de nierfunctie, bij mensen zonder spiermassa is het een overschatting
15:00 Waarde van een ureum-bepaling
17:10 Acute en chronische nierinsufficiëntie
23:26 Pre-renale oorzaken van een acute nierinsufficiëntie
26:17 Post-renale oorzaken van een acute nierinsufficiëntie
27:50 Renale oorzaken van een acute nierinsufficiëntie
34:50 Nefrotische en nefritische syndromen
Nefrotisch syndroom: proteïnurie (> 3,5 gram per 24 uur), oedemen, hypoalbuminemie
Nefritisch syndroom: hematurie, proteinurie (<3,5 gram per 24 uur), hypertensie en een acute nierinsufficientie
We zijn erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen, vergeet ons niet te volgen op instagram en geef een waardering aan deze podcast op spotify!
Oh help, jouw patiënt zit hoestend, proestend, kuchend, brommend en piepend aan de zuurstof op de SEH. Ergens herinner je je nog al die colleges over V/Q-mismatches, shunts, doderuimteventilatie en de Starling-curve, maar hoe kom je nou in hemelsnaam aan een concrete diagnose waar deze patiënt wat aan heeft? Gelukkig luister jij naar de House of GodCast! In deze aflevering leren wij je hoe wij een dyspnoische patiënt op de SEH benaderen, waar wij op letten bij de anamnese en lichamelijk onderzoek en hoe wij tot een diagnose komen.
Shownotes
00.00 Voorbereiding
05:40 Differentiaal diagnose
14:10 ABCDE-opvang bij dyspneu
20:00 Anamnese
26:55 Lichamelijk onderzoek
37:40 Bloedonderzoek en ECG
41:10 Beeldvormend onderzoek
42:20 Bloedgas
45:20 Overwegingen en conclusie
We zijn erg benieuwd naar wat jullie van onze podcast vinden, dus geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], laat ons weten waar je in de toekomst nog meer afleveringen over zouden willen horen, vergeet ons niet te volgen op instagram en geef een waardering aan deze podcast op spotify!
"De glucosewaarde van mevrouw op kamer 20 is 14, wat wil je doen?" Deze vraag ga je zonder twijfel te horen krijgen, ongeacht welke afdeling van het ziekenhuis je werkt. En wat ga jij dan doen? Bijspuiten met subcutaan insuline? Insulinepomp starten? Observeren? Check deze aflevering van de House of GodCast en dan verwar je nooit meer toujeo met apidra en weet je precies wat je moet doen als je met een glucosedagcurve wordt geconfronteerd. Ook leer je wat je beslist wel en niet moet stoppen bij een opname en van welke antidiabetica Tim en Ernst-Jan absoluut geen fan zijn.
Shownotes
00.00 Introductie
03.00 Normale werking van insuline
Insuline zorgt voor glucoseopname in de cel. Het remt de gluconeogenese, remt de lipolyse en stimuleert de aanmaak van glycogeen en de synthese van eiwitten.
07.45 Diabetes mellitus type 1
Een auto-immuunaandoening die resulteert in destructie van de insuline-producerende betacellen in de pancreas. Type 1 diabeten hebben in de regel geen eigen insulineproductie meer en zijn dus volledig afhankelijk van toediening van insuline.
09.30 Diabetes mellitus type 2
Een zeer heterogene ziekte, voor een groot deel veroorzaakt door leefstijl. Een combinatie van insuline-resistente en verminderde betacel-functie.
12.00 Andere vormen van diabetes
MODY: Monogentic Diabetes of the Young; vaak in families; soms met orale medicatie, meestal met insuline
LADA: Latent Autoimmune Diabetes in Adults. Eigenlijk gewoon type 1 diabetes ontstaan in volwassenen
15.00 Insuline
Bij type 1 diabetes meestal 4-daags schema. Langwerkend in de avond voor de basale insuline behoefte en kortwerkende insuline bij de maaltijden. Bij type 2 diabetes meerdere combinaties mogelijk. De nuchtere waarde in de ochtend geeft weer hoe goed iemand is ingesteld op de basale insuline.
Ultrakortwerkende insuline = insuline aspart (novorapid), insuline glulisine (apidra). Langwerkende insuline = insuline glargine (lantus, abasaglar)
Middenlangwerkende insuline =insuline isofaan (insulatard)
Ultralangwerkende insuline = insuline degludec (tresiba).
Novomix is een combinatie van insuline aspart (ultrakortwerkend) en insuline aspart protamine (middellangwerkend). Novomix wordt 2 keer per dag gespoten (ochtend- en avondmaaltijd).
24.40 Belangrijkste orale middelen
Metformine: verhoogd de insulinegevoeligheid; zelden hypo's, wel vaak diarree en gevaarlijk bij nierinusfficientie
SU-derivaten (bv Gliclazide): verhogen insulineproductie; geven vaak hypo's en hebben weinig effect op harde eindpunten
SGLT-2 remmers: nieuw middel, werkt als een soort diureticum door glucose uit te laten plassen. Zelden hypo's, wel vaak
GLP-1 pillen/injectie: vertragen maaglediging, verhogen glucose afhankelijk insulineproductie
32.30 Wat wil je weten wanneer een patiënt met diabetes mellitus wordt opgenomen
Hoe goed is een patiënt thuis ingesteld
Zijn er complicaties (hypo's?)
Hoe vaak meet een patiënt thuis
Welke medicatie gebruikt een patiënt
Moet patiënt nuchter blijven
40.40 Hypoglykemieen in het ziekenhuis
Voorkomen is beter dan genezen. Geef kortwerkende koolhydraten (dextro, limonade, i.v. glucose) en langwerkende koolhydraten. Pas de medicatie aan zodat het niet nogmaals gebeurt.
45.45 Hyperglykemieen in het ziekenhuis
Milde hyperglycamien leiden zelden tot problemen. Bij klachten of structureel boven de 15 wel behandelen. Meestal > 15 4IE en >20 6IE en controle na 2 uur (2-4-6 regel). Wees strenger bij patiënten met wonden en let wel op ernstige complicaties als de keto-acidose of hyperosmolaire ontregeling.
51.20 Samenvatting en tips
Geef alsjeblieft je feedback door via [email protected], vergeet ons niet te volgen op instagram en geef een waardering aan deze podcast op spotify!
From the publisher's feed
De House of GodCast is een podcast voor coassistenten gemaakt door arts-assistenten. Na jaren te hebben gestudeerd is het tijd om eindelijk echt aan de slag te gaan. Maar heeft al dat studeren je…

125 Listeners

84 Listeners

0 Listeners