toelichting tekst een cursus in wonderen: https://www.youtube.com/watch?v=Jms0L3frW-Y
IV. Het enige antwoord
1. Bedenk dat de Heilige Geest het Antwoord is, en niet de vraag. Het ego spreekt altijd als eerste. Het is wispelturig en het heeft het niet goed met zijn maker voor. Het gelooft, en terecht, dat zijn maker op elk moment zijn steun aan hem zou kunnen intrekken. Als het wel de beste bedoelingen met jou had, zou het blij zijn, zoals de Heilige Geest blij is wanneer Hij jou heeft thuisgebracht en jij Zijn leiding niet meer nodig hebt. Het ego beschouwt zichzelf niet als een deel van jou. Hierin ligt zijn elementaire vergissing, de basis van heel zijn denksysteem.
2. Toen God jou schiep, maakte Hij jou deel van Hem. Daarom is aanval binnen het Koninkrijk onmogelijk. Jij hebt het ego zonder liefde gemaakt, en daarom heeft het jou niet lief. Zonder liefde kon je niet in het Koninkrijk blijven, en aangezien het Koninkrijk liefde is, geloof jij zonder te zijn. Hierdoor is het ego in staat zichzelf als afgescheiden en als buiten zijn maker te beschouwen, en het spreekt zodoende voor het deel van jouw denkgeest dat gelooft dat jij afgescheiden en buiten de Denkgeest van God bent. Het ego nu heeft de eerste vraag opgeworpen die ooit werd gesteld, maar die het nooit beantwoorden kan. Die vraag: ‘Wat ben jij?’ was het begin van alle twijfel. Het ego heeft sindsdien geen enkele vraag beantwoord, hoewel het er een menigte opgeworpen heeft. De meest spitsvondige activiteiten van het ego hebben nooit méér gedaan dan de vraag versluieren, want jij hebt het antwoord en het ego is bang voor jou.
3. Jij kunt het conflict niet begrijpen zolang je niet ten volle het fundamentele feit begrijpt dat het ego helemaal niets weten kan. De Heilige Geest spreekt niet als eerste, maar Hij antwoordt altijd. Iedereen heeft Hem wel op een of ander moment en op een of andere manier om hulp gevraagd, en antwoord gekregen. Aangezien de Heilige Geest naar waarheid antwoordt, antwoordt Hij voor alle tijden, wat betekent dat ieder nu het antwoord heeft.
4. Het ego kan de Heilige Geest niet horen, maar het gelooft wel dat het gedeelte van de denkgeest waardoor het werd gemaakt tegen hem is. Het vat dit op als een rechtvaardiging om zijn maker aan te vallen. Het gelooft dat de aanval de beste verdediging is, en wil dat jij dat gelooft. Als je dat niet gelooft zul je zijn kant niet kiezen, terwijl het ego dringend behoefte heeft aan bondgenoten, maar niet aan broeders. Omdat het ego in jouw denkgeest iets waarneemt wat hem vreemd is, wendt het zich tot het lichaam als bondgenoot, omdat het lichaam geen deel van jou uitmaakt. Dit maakt het lichaam tot vriend van het ego. Het is een bondgenootschap dat onomwonden op afscheiding is gebaseerd. Als jij voor dit bondgenootschap partij kiest, zul je bang zijn, omdat je partij kiest voor een bondgenootschap van de angst.
5. Het ego gebruikt het lichaam om samen te spannen tegen je denkgeest, en omdat het ego beseft dat zijn ‘vijand’ aan hen beide een eind kan maken door het simpele inzicht dat ze geen deel uitmaken van jou, verenigen ze zich in de aanval. Dit is misschien wel de vreemdste waarneming van allemaal, als je bedenkt wat het werkelijk inhoudt. Het ego, dat niet werkelijk is, probeert de denkgeest, die wel werkelijk is, ervan te overtuigen dat de denkgeest het leermiddel van het ego is; en voorts, dat het lichaam meer werkelijkheid bezit dan de denkgeest. Niemand die juist denkt kan dit ook maar enigszins geloven, en niemand die juist denkt gelooft het dan ook.
6. Hoor dan het enige antwoord van de Heilige Geest op alle vragen die het ego opwerpt: jij bent een kind van God, een onschatbaar deel van Zijn Koninkrijk, dat Hij geschapen heeft als deel van Hem. Niets anders bestaat en alleen dit is werkelijk. Jij hebt een slaap verkozen waarin je boze dromen hebt gehad, maar die slaap is niet...