toelichting: https://www.youtube.com/watch?v=4nGEQt7rvGc
IV. Dit hoeft niet zo te zijn
1. Als jij de Stem namens God niet kunt horen, komt dit doordat je niet verkiest te luisteren. Dat je zoel naar de stem van je ego luistert blijkt uit je houding, gevoelens en gedrag. Toch is dit wat je wilt. Voor het behoud hiervan vecht je en voor de veiligheid hiervan waak je. Je denkgeest zit vol plannen om het gezicht van je ego te redden, en het gelaat van Christus zoek je niet. De spiegel waarin het ego zijn gezicht probeert te zien is zonder meer troebel. Hoe kan het zónder spiegels het voorspiegelen van zijn bestaan volhouden? Maar het is aan jou te beslissen waar je kijkt om jezelf te vinden.
2. Ik heb gezegd dat jij je denken niet kunt veranderen door je gedrag te veranderen, maar ik heb ook, en vele malen, gezegd dat je wel degelijk je denken kunt veranderen. Wanneer je gemoedstoestand je zegt dat jij verkeerd gekozen hebt, en dit is telkens het geval wanneer je niet vreugdevol bent, weet dan: dit hoeft niet zo te zijn. In al deze gevallen heb je over een broeder die God geschapen heeft verkeerd gedacht, en neem je beelden waar die jouw ego in een troebele spiegel tevoorschijn tovert. Denk eerlijk aan wat jij gedacht hebt dat God niet zou hebben gedacht, en aan wat jij niet hebt gedacht maar wat God zou willen dat jij denkt. Zoek oprecht naar wat je zodoende gedaan hebt of hebt nagelaten, en verander dan van gedachten zodat je kunt denken met de Denkgeest van God. Dit kan moeilijk lijken, maar het is veel makkelijker dan ertegenin proberen te denken. Jouw denkgeest is één met die van God. Door dit te ontkennen en anders te denken wordt je ego bijeengehouden, maar het heeft je denkgeest letterlijk gespleten. Als liefdevolle broeder ben ik zeer met je denkgeest begaan, en ik spoor je aan mijn voorbeeld te volgen wanneer jij naar jezelf en naar jouw broeder kijkt, en in beiden de glorievolle scheppingen van een glorievolle Vader te zien.
3. Wanneer je bedroefd bent, weet dan: dit hoeft niet zo te zijn. Depressiviteit ontstaat uit een gevoel beroofd te zijn van iets wat je wilt en niet hebt. Bedenk dat je van niets beroofd bent, behalve wanneer jijzelf daartoe besluit, en neem dan een ander besluit.
4. Wanneer je verontrust bent, besef dat verontrusting het gevolg is van de wispelturigheid van het ego, en weet dan: dit hoeft niet zo te zijn. Je kunt je even waakzaam opstellen tegen de bevelen van het ego als ten gunste daarvan.
5. Wanneer jij je schuldig voelt, bedenk dan dat het ego inderdaad Gods wetten geschonden heeft, maar jij niet. Laat de ‘zonden’ van het ego aan mij over. Daar dient de Verzoening voor. Maar zolang jij niet van gedachten bent veranderd over diegenen die jouw ego heeft gekwetst, kan de Verzoening je niet bevrijden. Zolang jij je schuldig voelt, voert je ego het bevel, want alleen het ego kan schuld ervaren. Dit hoeft niet zo te zijn.
6. Onderzoek je denkgeest op de verleidingen van het ego en laat je er niet door misleiden. Het heeft jou niets te bieden. Wanneer je eenmaal deze vrijwillige on-geïnspireerdheid hebt losgelaten, zul je zien hoe je denkgeest zich kan concentreren, zich boven vermoeidheid kan verheffen en genezen. Maar je bent niet waakzaam genoeg tegenover de eisen van het ego om je ervan los te maken. Dit hoeft niet zo te zijn.
7. Je neemt makkelijk de gewoonte aan je met God en Zijn scheppingen bezig te houden, als je resoluut weigert je denkgeest te laten afdwalen. Het is geen concentratieprobleem; het is de overtuiging dat niemand, jezelf incluis, een consequente inspanning waard is. Schaar je consequent aan mijn zijde tegen deze misleiding, en geef die armzalige overtuiging niet de kans jou tegen te werken. De moedelozen zijn voor zichzelf en voor mij nutteloos, maar alleen het ego kan moedeloos zijn.
8. Heb je er wel eens echt bij stilgestaan hoe vaak je...